In een voortdurend wisselend decor wordt een man geconfronteerd met zijn dubbelganger. Het is een verontrustende wereld die Jakop Ahlbom in zijn nieuwe voorstelling Strangely Familiar schetst, vol kantelende perspectieven: alles verandert voortdurend van vorm en overal loert de dreiging.

Het decor van Marlies Schot en Douwe Hibma speelt een hoofdrol: het is een ingenieuze constructie van aan elkaar verbonden gangen en kamertjes die kunnen draaien en in een oogwenk transformeren tot een ruim bemeten kantoor. Het lijkt in de beginscène een kruising tussen een oude garagebox en een vervallen gothic paleis, een tikje spookachtig met grijsgroene gangen, halletjes en kamers die ruimschoots de gelegenheid geven je te verstoppen.

In een handomdraai wordt het middenstuk weggedraaid en verandert een gang in een slaapkamer, met een bed dat uit de muur wordt getrokken. Om vervolgens weer te worden omgetoverd tot een kantoortuin, waar de bureaus ook zo uit de muur worden getrokken, met een heuse lift in het midden. En zo gaat het maar door, een permanente ‘changement de décor’. Een wonder van inventiviteit, reuze knap uitgevoerd, maar op den duur gaat dat constante gesjor aan decorstukken ook irriteren. De noodzaak achter de constant heen en weer bewegende personages en ruimtes wordt niet duidelijk.

Een hoofdrol wordt vertolkt door een jonge man met lang, zwart haar, die permanent wordt genegeerd, weggezet en getreiterd door zijn collega’s op kantoor. Ze werpen veelbetekenende blikken als hij langsloopt, ze zetten hem klem met kantoorstoelen of er gaat snel iemand anders op zijn plek zitten. In de beginscène zien we hem tegenover een collega zitten die pardoes uit het raam springt. Middenin deze dramatische scène komt een vrouw de hoek om en begint te zingen; de anderen vallen in.

Absurdisme is een stijlkenmerk van al Ahlboms voorstellingen, maar in Strangely Familiar gaat het verder dan dat: het kost moeite om je hoofd erbij te houden, zo veel gebeurt er, zonder dat duidelijk is waarom. De voorstelling zit vol beweging, vooral van de decorstukken die een eigen choreografie volgen, maar ook van de spelers die zoals altijd in zijn werk uitmunten in lichaamsbeheersing. Ze bewegen dan eens strak langs elkaar heen, papieren en aktetassen in de hand, dan weer rollenbollen ze koppeltjeduikelend over elkaar heen.

In zijn beste voorstellingen schetst Ahlbom een heel eigen universum dat even verontrustend is als vanzelfsprekend. Zijn personages gedragen zich altijd anders dan je verwacht. Ze gehoorzamen aan geheel eigen wetten: ondoorgrondelijk zijn ze, mysterieus, vaak meedogenloos. Zijn werk lijkt altijd diepere lagen bloot te leggen van oerangsten, dwingende obsessies, onhoudbare verlangens.

‘Strangely Familiar’ kan zoiets betekenen als ‘vreemd vertrouwd’ – een contradictio in terminis, iets wat zowel vreemd als vertrouwd is – maar kan ook worden geïnterpreteerd als ‘vaag bekend’. Hoe dan ook, de voorstelling lijkt als rode draad het dubbelgangersmotief te hebben. We zien opeens uit de liftkoker – een bordje erboven knippert: ‘New Employee’ – een man verschijnen die als twee druppels water lijkt op de man die zo gepest wordt. Als de dubbelganger hem de hand toesteekt, valt hij flauw. Even later zitten ze tegenover elkaar en spiegelen elkaars handelingen.

Iemand die er precies zo uitziet als jij en jou in alles nadoet, moet heel bedreigend zijn, zeker als je al zo paranoia bent. De twee cirkelen om elkaar heen, terwijl de zangeres een nieuw lied inzet: ‘Will you follow me?’ We zien opnieuw een aaneenschakeling van onnavolgbare gebeurtenissen: de dubbelganger geeft een bloem aan zijn evenbeeld en even later zijn alle collega’s verwikkeld in een dans met tafels en bloemen. Opeens wisselt de muziek van karakter (een toepasselijke, voortdurend van sfeer wisselende score van Leonard Lucieer) en verandert het kantoorpersoneel in de ‘lullo’s’ van Jiskefet: uiterst stroef maar gretig beweegt het doorgaans zo stijve kantoorvolk de heupen in een uitermate lullig dansje.

Waar in zijn beste voorstellingen de vaak onnavolgbare gebeurtenissen, soms voorzien van spectaculaire illusies, óf heel komisch kunnen zijn of duiden op onderliggende emoties, een diep verdriet of een amper te verdragen gevoel van eenzaamheid, blijft Strangely Familiar aan de oppervlakte: er gebeurt van alles, het resoneert af en toe, maar de magie blijft deze keer uit.

Foto: Rahi Rezvani