Alleen de titel al spreekt voor zich: deze voorstelling gaat over hokjesdenken en dan geframed vanuit het perspectief van iemand die ‘de’ en ‘het’ fout gebruikt: oftewel een ‘mocro’. In de nieuwe Bellevue Lunchtheaterproductie De hokje wordt het verhaal verteld van ‘de opstanding en ondergang van Anouar K, een selfmade crimineel’. Het is een steeds verder uit de hand lopende satire op een live tv-show, geschreven door Dunya Khayame en in een regie van Tim Kamps.

Dunya Khayame heeft al eerder voor theater geschreven, voor ISH en – eveneens voor Bellevue Lunchtheater – Vuurwerk (2011) en Er komt een dokter bij de dokter (2015). Ze is ook een succesvol actrice – in tv-producties als KlemDe regels van Floor en De Luizenmoeder – maar op Wikipedia staat alleen over haar vermeld ‘een actrice van Marokkaanse afkomst’. Haar nieuwe voorstelling, waarin ze overigens niet zelf speelt, gaat over identiteitsdenken en hoe je wordt vastgezet in hokjes.

In een proloog vraagt de beeldschone, piekfijn uitgedoste actrice Maryam Hassouni, gezeten op een toiletpot, af hoe het nu zit met toeval en/of lotsbestemming? Ze duikt met haar hand in de pot en haalt er een pistool uit tevoorschijn. En natuurlijk komt er, conform de wet van Tsjechov, nooit een pistool tevoorschijn zonder dat het later gebruikt wordt.

Op het podium verschijnt Anouar K (Olaf Ait Tami), alias ‘de stille’, de vervaarlijk uitziende vertegenwoordiger van de ‘mocromaffia’ die aan alle hokjes voldoet: bomberjack, enorm ‘mocro’ accent, kauwgom, handen in jas, agressieve uitstraling XXL. Hij geeft de presentatrice van de talkshow Kim Luistert (Randy Fokke) meteen zijn visitekaartje in de vorm van zijn afgedankte kauwgom, voor hij de details van zijn leven in de misdaad – en uiteraard zijn bekering, na dit reclameblok – met haar deelt.

Het is een dankbaar concept, dat van een live tv-show; eerder succesvol gebruikt in bijvoorbeeld Eric de Vroedts The Nation (2017) en in Gidsland (2017) van mugmetdegoudentand. Behalve de presentatrice en haar slachtoffer, is er nog een derde persoon aanwezig, de advocate van Anouar K, die ook zijn zus blijkt te zijn.

In een op maat gesneden sensatiejournalistieke stijl vol hijgerige oneliners en clichétaal wordt Anouar K aangekondigd: ‘de crimineel die nu uit de duisternis in het licht stapt.’ Aanvankelijk bevestigt hij alle vooroordelen die er maar bestaan over Marokkanen en misdaad, bijvoorbeeld als hij vertelt over zijn ‘matties’: Jamin heeft ‘een ongeluk gehad op straat’ en King Kong zit ‘binnen’. Kim stelt vragen die druipen van de vooringenomenheid: ‘Criminaliteit ligt toch verankerd in jullie cultuur?’

Het is vooral zijn zus die – net zo Marokkaans tenslotte – in eerste instantie zorgt voor verwarring; met haar professionele uitstraling, haar zorgvuldige taalgebruik en haar razendsnelle intellect steekt ze de presentatrice naar de kroon. Maar ja, die Marokkaanse meisjes doen het ook veel beter dan de jongens, denk je dan meteen.

De verwarring neemt toe. In snel gesneden scènes klinkt steeds vaker de reclametune: ‘we gaan er even uit.’ Achter de schermen wordt enorm gebakkeleid. Telkens komen er nieuwe gegevens op tafel: de waarheid blijkt moeilijk te vangen en eigenlijk is niemand wie zij of hij lijkt te zijn. Elk personage kruipt onmiddellijk uit de betreffende hokje.

Het is bepaald geen gemakkelijk onderwerp, zeker in deze tijd waarin de hokjesgeest welig tiert. Het spel met waarheid en fictie wordt geraffineerd gespeeld en uiteindelijk loopt het volledig uit de hand in een kolderieke finale waarin aan Tsjechovs pistoolwet ruimschoots wordt voldaan. Vanwege de scherpe, geestige dialogen, het onderuithalen van stigmatiseren en hokjesdenken, het hilarisch toenemende absurdisme en het prima spel van alle drie de acteurs is De hokje een geslaagde satire over een relevant onderwerp.

Foto: Casper Koster