Festivalverslag dag 10 en 11: ‘Dat is Fringe’


20 september 2017

Het afgelopen Amsterdam Fringe Festival presenteerde meer dan 80 verschillende werken en events in 11 dagen. Theaterkrant.nl stuurde Marijn Lems op pad om zo veel mogelijk van het festival mee te maken. Vandaag het laatste verslag.

Belonging
Choreograaf Sanne Clifford en componist Iman Spaargaren sloegen de handen ineen voor We are the everlasting guests, een dansperformance met live muziek die het thema van ‘belonging’ centraal zet. Op het podium van Dansmakers in Amsterdam-Noord zien we drie dansers en drie muzikanten (een drummer, een gitarist en een hoboïst/saxofonist). Zoals vaak bij muziektheater gaat het meteen mis als er van de muzikanten enige performativiteit gevraagd wordt: als Spaargaren, Robin van Rhijn en Guillermo Celano tot twee maal toe voorop het podium staan, is het contrast met de présence van de dansers ogenblikkelijk duidelijk. Gelukkig is er met hun hoofdtalent niets mis: de progrock/freejazz-achtige composities doen op de beste momenten aan de Belgische formatie DAAU denken.

De choreografieën die Clifford en haar collega-dansers Hayley Adams en Camilla Bundel hier tegenover zetten zijn echter onvoldoende inspirerend. Het bewegingsmateriaal is te klassiek en regelmatig ook te illustratief: de thematiek van migratie en je ergens thuis voelen ligt er dik bovenop, zeker ook vanwege de pijnlijk ernstige manier waarop Adams enkele dichtregels over het thema aan het publiek voordraagt. Eigenlijk weet alleen Bundel te overtuigen: haar aandeel in de voorstelling heeft bij vlagen nog iets van een interessante ambiguïteit, de suggestie van een binnenwereld in zich.

Bedwelmende luisterervaring
Mijn verwachtingen waren hooggespannen toen ik een dag later net op tijd de theaterzaal van de Melkweg binnenkwam. De vorige voorstelling van maker/performer Karlijn Hamer en electronicacomponist Mathijs de Valk, COLLAPS, was een zeer boeiend samenspel tussen performance, zang en klank, die een welverdiende Fringe Award in de wacht sleepte. En het openingsbeeld van hun nieuwe samenwerking ZOG is indrukwekkend: een bos van speakers op verschillende hoogtes die Hamers stem als een zee over de ruimte laten golven.

Op de rijke compositie die Hamer en De Valk creëren valt ook dit keer niets af te dingen: Hamers Björk-achtige zang wordt door De Valk op allerlei verschillende manieren gemanipuleerd, verknipt en vervormd, wat een bedwelmende luisterervaring oplevert. In tegenstelling tot COLLAPS blijft het daar echter ook wel bij: van een meerlagige theatrale ervaring is bij ZOG nauwelijks sprake. Daarvoor blijven Hamer en De Valk te statisch in de ruimte en gaat de focus op het klankonderzoek te veel ten koste van een interessante inhoudelijke laag.

Tv-show voor traumatische ervaringen
Mijn laatste voorstelling van het festival was helaas ook geen hoogvlieger. Misschien ligt het aan het prille stadium van het onderzoek, maar I feel dirty anyway van Senna Pauli, Emma Berentsen en De Vrouwen Van Wanten is een voorstelling die vooral vraagtekens oproept. Het stuk gaat over een gelijknamige tv-show waarin slachtoffers van traumatische gebeurtenissen hun verhaal mogen doen. Het totale gebrek aan toon- of stijlvastheid in spel en regie zorgt er echter voor dat de (nogal platgetreden) satirische elementen over de botsing tussen de confessiecultuur en commerciële media uitermate ongemakkelijk naast pogingen tot empathie met de hoofdpersonages komen te staan.

De makers, die hun eigen ervaringen met seksueel geweld in de voorstelling verwerkten, zijn er niet in geslaagd een heldere dramaturgische lijn aan I feel dirty anyway mee te geven. Het wekt ook enige verbazing dat mimespeler Joey Schrauwen voor de eindregie werd gevraagd: zijn eigen fysieke performances zijn mijlenver verwijderd van dit soort teksttheater. De performers, met uitzondering van presentatrice Sofie Habets, lijken dan ook volstrekt verdwaald en geven geen enkel moment het idee van enig begrip van hun personages. Als de makers een volgende stap met dit materiaal zouden willen zetten is daar een sterke regisseurshand voor nodig.

Maar dat is Fringe: de ene dag kom je euforisch thuis, vervuld van optimisme over de staat van het Nederlandse theater en vooral de jonge makers die met zo veel talent, originaliteit, passie en intelligentie hun artistieke visie ten uitvoer brengen, de volgende dag overweeg je een rigoureuze carrièreswitch. Het was in ieder geval een privilege om het festival dit jaar zo uitgebreid te bezoeken en zulke gevarieerde nieuwe makers aan de slag te zien. Een diepe buiging dus, voor programmeur Aukje Verhoog en haar team, voor de deelnemende theaters, en vooral voor de makers, die vaak voor zeer weinig geld hun voorstellingen en uitprobeersels aan het publiek brengen.

Foto We are the everlasting guests – Sanne Clifford en Iman Spaargaren