Een mens heeft gemiddeld dertien geheimen, volgens Paul van Loon. Meester Frans heeft er één waar hij zich diep voor schaamt, al vinden zijn leerlingen het reuzespannend. Hij verandert soms plots in een kikker. Dat is ook een probleem vanwege schooldirectrice Stork, die naar kikkers kijkt alsof het lekkere hapjes zijn.

Als hij te veel aan kikkers denkt, wordt meester Frans (Dennis de Groot) er plotseling zelf een. Zijn leerlingen moeten hem helpen om dit geheim te houden voor hun gemene directrice Stork (Hilke Bierman) en de lieve juf Suzan (Sanne Franssen), op wie de meester een oogje heeft. Mark Haayema bewerkte het gelijknamige boek van Van Loon tot een feestelijke familiemusical, Joep Onderdelinden tekende voor de regie.

De Grote Haay heeft zijn wortels in het poppentheater. Het gezelschap waagt zich met Meester kikker voor het eerst aan een familiemusical. Het genre familiemusical en De Grote Haay blijken een ideale combinatie: de poppen, cartooneske vormgeving en de humoristische liedjes van Haayema, komen samen tot een vrolijk geheel. Doordat scènes op hoog tempo worden afgewisseld met muziek en mooie, simplistische animaties, blijft de voorstelling voor alle leeftijden boeiend van begin tot eind.

De wereld die geschetst wordt is niet helemaal waterdicht. Het is bijvoorbeeld niet duidelijk hoe zeldzaam die conditie van meester Frans nu precies is. Ook andere stafleden kunnen in dieren veranderen. Halverwege de voorstelling horen we de stem van Van Loon die uitlegt dat er in iedereen een dier zit dat zich op een dag aandient. Waarom dan al deze geheimzinnigheid? En als Frans steeds per abuis in een kikker verandert als hij alleen maar aan kikkers denkt, waarom kan directrice Stork haar kantoor dan volhangen met beeltenissen van ooievaars zonder steeds te transformeren?

Dit lossen de acteurs op door geregeld de vierde wand te doorbreken en aan het publiek uit te leggen dat je onwaarschijnlijke dingen soms simpelweg moet accepteren in het theater. De Groot speelt bijvoorbeeld zowel meester Frans als leerling Dennis. Als Frans op het toneel is, kan Dennis dus niet tegelijkertijd ook in de klas zijn, zo legt hij uit. Het is een makkelijke manier om dramaturgische eindjes niet altijd aan elkaar te hoeven knopen.

Misschien té makkelijk, maar het is in dit geval zeker effectief. Het geeft de makers de ruimte om te spelen met theaterconventies en constant te knipogen naar het musicalgenre. Zodra de acteurs in het liefdesduet tussen de kikkermeester en vlinderjuf (met in het refrein de slimme teksten ‘Ik ben verkikkerd’ en ‘Ik voel vlinders’) al te pompeus uithalen, wordt het nummer afgekapt. Bierman fluistert in een terzijde naar de zaal dat ze nu misschien in aanmerking komen voor een musical award. Met dit soort zelfbewuste humor wordt Meester kikker niet te braaf. De transparantie naar het publiek zorgt er tegelijkertijd slim voor dat het niet te spannend wordt voor het jonge publiek, zelfs niet wanneer er een indrukwekkend grote ooievaarskop de zaal in steekt.

Meester Kikker is uiteindelijk een lieve allegorie die laat zien dat iedereen een kant van zichzelf heeft die je niet met iedereen durft te delen. Eind goed, al goed? Niet helemaal, ook hier speelt De Grote Haay met de conventies van de familiemusical. Het zoete einde krijgt op het allerlaatste moment nog een prettige, duistere twist. Het blijft immers een verhaal van Paul van Loon.

Foto: Sander Mulkens