De Spring Special van Het Nationaal Ballet liet in tien fragmenten zien hoe de zwaartekracht met balletdansers een andere afspraak heeft dan met ons platvoeters. Ballet is vliegen, of op zijn minst reiken naar de hemel. De solisten waren gevraagd zelf een favoriet fragment te kiezen, wat resulteerde in een zeer afwisselend programma, dat daardoor ook wat weinig samenhang toonde.

Er zijn dansers die zich op hun best voelen in de sterk gecodeerde wereld van een klassiek ballet met de vele hoge sprongen, sierlijk omhoog reikende armen, reikende halzen en vliegende lifts. Twee fragmenten uit Giselle waren te zien; een pas de quatre uit de openingsakte die aan lichtheid inboette na een technische valse start en de pas de deux uit het slotstuk, en ook de dans van bruid en bruidegom uit Sleeping Beauty. Maia Makhateli en Young Gyu Choi sloten het programma expressief af onder een enorme volle maan (lichtontwerp: Wijnand van der Horst) met een pas de deux uit De Talisman, waarin die laatste met zichtbaar plezier in een indrukwekkende reeks pirouetten en grand jêté’s over de vloer cirkelde. Anna Tsygankova en Constantine Allen bleven in de buurt van dit idioom met de Delibes Suite van José Carlos Martinez, gemaakt in 2003 als licht knipogende ode aan de klassiekers.

Andere dansers kozen moderne stukken, waarin de hoogte meer werd gezocht in hoog opgestrekte benen en lifts boven de schouders. Hoewel; Remi Wörtmeyer blikte al vroeg zonder onderbreking de ene hoge grand jêté na de andere in de camera tijdens zijn solo ‘Gavotte’ uit Ted Brandsens Classical Symphony. Ook van Ted Brandsen: het duet Replay dat Vito Mazzeo’s favoriet bleek. Het duet is een aan Hans van Manen schatplichtig spel van aantrekken en afstoten dat Mazzeo scherp en precies uitvoerde met YuanYuan Zhang; zijn uitgestrekte hand aan het begin is een geladen vraag. Artur Shesterikov torste Anna Ol op de schouders in Wayne Eaglings expressieve en sculpturale DUET, waarin het camerawerk jammer genoeg niet altijd inspeelde op de monumentale donkere leegte rondom de twee figuren.

Twee duetten sprongen in het oog. Ten eerste de wereldpremière van Alignment van Julian Nuñes, die werd gedanst door James Stout en opnieuw Anna Ol. In het introducerende filmpje is te zien hoe zij tijdens het repetitieproces via Zoom met de choreograaf in verbinding stonden. Eenmaal op de vloer, in strakke, vlammend oranje pakken, is niet te zien hoe lastig dat geweest is; het is een aangrijpend duet. De twee starten op zo’n anderhalve meter van elkaar. Er zijn twee opvallende terugkerende motieven: grijpende handen precies om elkaars of de eigen gewrichten, en een knuffel. Op de verlangende maar angstige muziek van Ezzio Bosso vangt Nuñes het overweldigende gevoel van deze pandemie; we zijn bang voor wat we het liefst willen – contact met de ander, fysieke geborgenheid. Stout legt Ol behoedzaam neer, samen krullen ze omhoog en op de felle aanzetten van de violen vouwen hun armen zich staccato om elkaar heen, maar al gauw vliegt ze van hem weg, opgestuwd door de compositie.

Ook het mannenduet Two and Only van young creative associate Wubkje Kuindersma viel op. Het werd gedanst door Jozef Varga en Timothy van Poucke met livemuziek en zang van Michael Benjamin. Het is een stuk vol melancholie waarin de twee telkens in een brede spreidstand tegenover elkaar komen te staan, de knieën in een rechte hoek gebogen, en dan vliegensvlug met kleine passen samen een draai maken. De jongere danser, de onlangs tot eerste solist gepromoveerde Timothy van Poucke, lijkt met een licht onbetrouwbaar touwtje aan de oudere Varga vast te zitten; als een herinnering die nu eens net niet scherp wil worden, en dan weer het heden verdringt.

Foto: Alignment, Juliano Nunes