Medicijnbuisjes, doktersjassen en een gevaarlijk wit goedje. In muziektheatervoorstelling De Nederlandsche Cocaïnefabriek volgen we handelsreiziger Lucien, die legale, medicinale cocaïne aan de man brengt tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het stuk is een interactieve expositie en muzikale gamevoorstelling in één, en werd losjes gebaseerd op het boek van Conny Braam.

Jassen uit, stoelriemen vast. Bij binnenkomst in Theater De Krakeling wordt het publiek verdeeld in zeven groepen. Scoreborden worden uitgedeeld, teamleiders aangewezen. Voorafgaand wandel je langs een pop-upexpositie, gemaakt door Museum Huis Doorn. Via een app en informatiepanelen wordt de teamspirit alvast op de proef gesteld. Later, in de voorstelling, zal hoofdrolspeler Gustav Borreman, die Lucien speelt, uiteenlopende dilemma’s voorleggen, die hij omhooghoudt op analoge scoreborden betreffende zijn handel. Er zijn punten te verdienen voor drie categorieën: sociale gevolgen, gelopen risico en winst.

De voorstelling, naar het boek De handelsreiziger van de Nederlandsche Cocaïnefabriek door Conny Braam (2009), voor toneel bewerkt door Enver Husicic, speelt zich af tijdens de Eerste Wereldoorlog en vertelt het verhaal van Lucien, die de Nederlandse Cocaïnefabriek (NCF) vertegenwoordigt. Borreman vertolkt zijn rol voortreffelijk. Kalm en duidelijk articulerend, introduceert hij de toeschouwers met de geschiedenis van cocaïne. Hij vertelt over cocabladeren, die oorspronkelijk van Java komen, en dat hij een telg is van een rijk Nederlands geslacht. Van pijn bestrijden wil hij zijn beroep maken. ‘Handelen in kusjes op de knie’, noemt hij het, refererend aan zijn moeder, die hem vroeger sussend op schoot nam wanneer hij was gevallen.

In een swingende regie van Muriël Besemer duikt het gezelschap diep in het verleden en blaast je van je sokken. Zo heeft de fabriek daadwerkelijk jarenlang aan de Duivendrechtsekade in Amsterdam gestaan. Borreman vervlecht geschiedkundige tekstpassages moeiteloos met zang. Hij wordt bijgestaan door drie fanatieke musici, waaronder Michiel Schreuders, artistiek leider en bedenker van de voorstelling door Tafel van Vijf Muziektheater. Samen bespelen ze gitaar, percussie en toetsen, aangevuld met een arsenaal aan opmerkelijke instrumenten, opgesteld in een woest aantrekkelijk decorontwerp van Judith Hofland. Afvoerbuizen imiteren getrompetter, gardes kloppen, trechters in springveren produceren een compleet nieuw geluidspalet. Het tafereel heeft iets weg van een Berlijns underground technohol, inclusief neonlicht en flikkerende tl-buizen (ontwerp: Claes Meijer), waar het feestje flink uit de hand loopt.

Al snel wordt duidelijk dat Lucien kampt met een scala aan morele dillema’s. Zijn meisje, Pola, wil wel met hem gaan, maar valt met name voor de oneindige toegang tot coke. De Britse soldaat Robin Ryder komt verminkt terug uit de loopgraven en raakt zwaar verslaafd aan het witte goedje. Alle drie de personages worden gespeeld door Borreman, die soepel schakelt tussen de rollen. Van serieus en een tikkeltje naïef (Lucien), tot retecharmant (Pola) en aangedaan (Robin). Zijn Luciens praktijken fout en is hij een egocentrische lul, of wordt hij verziekt door het systeem waaruit je moeilijk kunt ontsnappen wanneer je er diep in verstrikt bent geraakt?

Mooi is het samenspel van musici en Borreman. Niet alleen produceren ze een sterk staaltje muziek, ook genieten ze enorm. Het boevige jongensbandje is een genot om naar te kijken. Wanneer Conny Braam aan het einde naar voren treedt om het hele gezelschap te bedanken staat de hele zaal op voor een oorverdovend, welverdiend applaus.

Foto: Maarten Albrecht