Gelauwerd Russisch regisseur Kirill Serebrennikov staat dit jaar in het Holland Festival met zijn enscenering van de opera Boris Godoenov. Na jaren van vervolging in eigen land, kijkt hij met een zekere berusting op die periode terug. ‘Zij probeerden mij te breken, mijn job was het om dat onmogelijk te maken.’
Aan het verste tafeltje in de gigantische kantine van de Nationale Opera & Ballet kijkt de Russische theater-, opera- en filmregisseur Kirill Serebrennikov (55) nog eens goed naar de foto bij het artikel dat Theatermaker in 2004 over hem publiceerde. ‘Ik was in die tijd veel dikker’, merkt hij op. ‘Het was ook een andere tijd, een andere wereld.’
Theatermaker wilde aandacht aan hem besteden omdat hij begin deze eeuw een van de vaandeldragers was van een nieuwe generatie Russische theatermakers. Jonge regisseurs en toneelspelers die niet bang waren om met hun voorstellingen de Russische samenleving uit te dagen. De jonge Serebrennikov werd gevraagd om als regisseur toe te treden tot een van de meest prestigieuze toneelhuizen van Moskou, het MXAT (het Moskou Kunst en Academisch Theater), op een steenworp afstand van het Kremlin en in 1898 opgericht door Stanislavski. Met zijn rauwe voorstelling Plasticine waarmee hij in 2001 in Moskou debuteerde, had Serebrennikov de aandacht op zich gevestigd. Zijn vrijmoedige aanpak van nieuw repertoire moest jong publiek naar het gevestigde theater trekken.
Twintig jaar later is Serebrennikov in Amsterdam om de opera Boris Godoenov van Modest Moessorgski te regisseren die op 10 juni in het Holland Festival in première gaat. Zijn woonplaats is Berlijn, na een vijf jaar durend showproces is Rusland ontoegankelijk geworden. ‘Ik ben geen burger meer van de Russische staat, ik ben een burger van de Russische taal en cultuur.’
Kirill Serebrennikov werd in 1969 geboren in Rostov-aan-de-Don, als zoon van een joodse vader en een Oekraïense moeder. Van jongs af aan interesseerde hij zich voor theater maar zijn ouders wilden dat hij natuurkunde ging studeren. Kirill liet zich daardoor niet van de wijs brengen en richtte naast zijn studie een eigen theatergroep op, in navolging van zijn grootvader die een gelauwerd filmregisseur en scenarist was. Na zijn afstuderen in 1992 ging hij bij de televisie werken. Zes jaar later bracht hij zijn eerste eigen film uit, Zonder kleren. In 2002 werd Plasticine opgenomen in het programma van de Russian Case, het internationale showcase-programma van het Golden Mask Festival, waar internationale theaterprofessionals kennis konden maken met nieuw Russisch theater en waarvoor ook Theatermaker was uitgenodigd.
‘Plasticine maakte deel uit van het theater van de Nieuwe Realiteit’, vertelt Serebrennikov nu. ‘Het stuk bevatte nieuwe taal, nieuwe personages, obscene woorden die niet op het podium thuis hoorden. Het was theater van een nieuwe generatie, theater van de hoop. Het reguliere publiek bestond uit de gegoede burgerij, rijke mensen, die door ons met een nieuwe realiteit werden geconfronteerd. Omdat wij voor nieuw bloed zorgden, werden we overal gevraagd. De jaren 2002 tot 2012 waren een tijd van grote veranderingen.’ Tot die veranderingen behoorde ook het in huis halen van Serebrennikov door het MXAT. ‘Oleg Tabakov, de directeur van het theater, stimuleerde ons om te experimenteren en stond toe dat we in dit theater Brecht opvoerden, zoals de Driestuiversopera,wat als revolutionair werd gezien.’ Serebrennikov nam de uitdaging aan, zette vernieuwing op poten en zei in het interview uit 2004 dat er moest worden gestopt met het altijd weer opvoeren van de klassieken. ‘Ik zag het als mijn taak om nieuwe schrijvers, jonge acteurs en nieuw publiek in huis te halen. Het MXAT stond van oudsher bekend om zijn vernieuwingsdrang, dat wilde ik terugbrengen.’
Na ervaring te hebben opgedaan bij een aantal internationale festivals, besloot Serebrennikov een nieuw avontuur aan te gaan en zich aan te sluiten bij Vinzavod, een oude wijnfabriek in Moskou die werd omgebouwd tot een multidisciplinair kunstencentrum. Samen met zijn studenten, van wie inmiddels een aantal in het buitenland of in de gevangenis zit, ging hij spelen in kelders, op plekken zonder licht en geluid. ‘Ik wilde opnieuw beginnen, van vooraf aan op zoek gaan naar een nieuw theater. Uit de comfortzone stappen van het gevestigde theater waar alles tot je beschikking staat, wat op den duur ten koste gaat van je energie. Ook werd het me onmogelijk gemaakt om met achttien naakte spelers stukken van Heiner Müller, waaronder de Hamlet Machine, op te voeren. Ik moest terug naar een bepaalde mate van onzekerheid want onzekerheid is onmisbaar om theater te maken. Bovendien wilde ik me nog meer op de jonge generatie richten en juist voor hen een eigen theaterhuis opzetten.’
In de korte periode tussen de twee presidentschappen van Poetin bood de nieuwe minister van Cultuur, Sergei Kapkov, Serebrennikov het meest verwaarloosde theater van Moskou aan, het Gogol Theater. ‘Ze zeiden dat ik er kon doen wat ik wilde wat natuurlijk voor een kunstenaar een aanbod is dat je niet kunt weigeren. Mijn missie was een plek te creëren waar vrijheid het uitgangspunt was. Vrijheid voor iedereen, ongeacht waar je vandaan kwam, ongeacht je gender. Vanaf het begin waren we uitverkocht en op een goed moment begonnen de jongeren zelfs hun ouders mee te nemen: kijk, dit is nou óns theater.’
Serebrennikov herinnert zich nog heel goed het moment waarop hij in conflict raakte met het Ministerie van Cultuur. ‘Dat was toen ik een openbaar debat wilde organiseren met Pussy Riot nadat ze waren bevrijd uit hun gevangenschap. Kapkov belde me op en vroeg of ik gek was geworden. Maar ik dacht, ze hebben hun straf uitgezeten, ik laat hun film zien en knoop er een debat aan vast, wat is het probleem? Toch wilden ze de avond verbieden – waarop ik om een officiële brief verzocht om duidelijk te kunnen maken waarom ik het programma schrapte. Ik wilde de regels volgen omdat ik nu eenmaal door de overheid op mijn post was gezet en financieel van haar afhankelijk was. Ik heb toen de fout gemaakt die brief naar buiten te brengen, waar ze niet blij mee waren en waardoor ik op een zwarte lijst terechtkwam. Ze wilden het theater sluiten maar wisten niet hoe ze dat moesten aanpakken gezien het succes dat we hadden.’
Dat laatste veranderde toen de Russische overheid besloot om ook de theaterwereld, een van de laatste vrijplaatsen, aan het restrictieve overheidsbeleid te onderwerpen. Niet door de hele sector te verbieden maar door een persoon uit te zonderen en als voorbeeld te stellen. ‘In het parlement zongen de leden van de Commissie Cultuur ‘Wat gaan we doen met het Gogol Theater?’ Stel je voor, mannen in pakken en met stropdassen om. Hoe dan ook, in 2017 werd ik onder huisarrest geplaatst wat een onomwonden aanval was op de theatersector. Tientallen medewerkers, onder wie schrijvers en dramaturgen, werden ontslagen en vervangen door loyalisten. Precies wat je nu ook in Amerika ziet gebeuren.’
Ondanks jaren van vervolging, kijkt Serebrennikov met een zekere berusting op die periode terug. ‘Zij probeerden mij te breken, mijn job was het om dat onmogelijk te maken. De eerste maanden waren vreselijk omdat ik mijn kleine appartement zonder balkon niet af mocht. Na een paar maanden kreeg ik toestemming om twee uur per dag te wandelen. Als ik thuis kwam moest ik me melden via een speciaal telefoonnummer. Omdat ik vlak naast een zwembad woonde ging ik elke dag zwemmen. Eenmaal thuis ging ik aan de slag, lezen en schrijven, waardoor ik toch een hele productieve periode doormaakte. Veel van mijn regies en films heb ik in die periode voorbereid en gemaakt.’
Serebrennikov werd van van alles en nog wat beschuldigd, met name van het verdonkeremanen van overheidsgeld voor de productie Een midzomernachtsdroom. Ondanks het feit dat er posters waren gedrukt – honderd ervan werden naar het ministerie gestuurd – en ondanks het feit dat er door de bekende criticus John Freedman een recensie was gepubliceerd, er een terabyte aan video-opnamen was, en tientallen getuigenissen van mensen die verklaarden de voorstelling te hebben bijgewoond. De vloed aan bewijzen legde geen enkel gewicht in de schaal, het werd afgedaan met de opmerking dat iedereen posters kan laten drukken en verklaringen kan inzamelen. ‘Terwijl ik vrijwel dagelijks urenlang in de rechtszaal aanwezig moest zijn, werkte ik ’s avonds aan het script en de opnamen voor de film Petrov’s Flu.’
Opmerkelijk genoeg lieten de Russische gerechtsdienaren Serebrennikov ongemoeid communiceren met de buitenwereld. Met zijn advocaat als tussenpersoon kon Serebrennikov videocassettes van repetities en geannoteerde regiescripts uitwisselen met zijn opdrachtgevers, ook in het Westen. ‘Ik had een contract voor het regisseren van Così fan tutte voor het Operahuis in Zürich. Toen ik door mijn arrestatie aan huis gekluisterd was, hadden ze het contract kunnen verbreken maar ze wilden het avontuur met die gekke Rus die dacht dat hij van huis uit kon regisseren, aangaan. Bij een opera heb je om te beginnen de compositie waarin de muziek vastligt. Door bij elke noot precies aan te geven wat ik van de spelers verwachtte, kon ik ze op afstand regisseren, met regie-instructies en met notes. Zo kon ik dankzij intendant Andreas Homoki, die dit experiment aandurfde, mijn werk voortzetten waardoor mijn leven werd gered.’
Na het uitbreken van corona werd Serebrennikov ironisch genoeg van verschillende kanten benaderd om zijn ervaring met regisseren op afstand te delen. Hij maakte er zelfs een instructiefilmpje over.
In juni 2020 kwam aan het juridische gevecht een einde. Terwijl de officieren van justitie een straf van zes jaar eisten, werd Serebrennikov veroordeeld voor grootschalige fraude. Hij kreeg een proeftijd van drie jaar, een boete van tienduizend euro en voor dezelfde periode een verbod om een door de Russische overheid gefinancierde culturele instelling te leiden. In februari 2021 werd hij dan ook door het Gogol ontslagen. De claim van 1,5 miljoen euro die het Ministerie van Cultuur oplegde voldeed hij in november van dat jaar en tezamen met een verklaring van goed gedrag werd zijn proeftijd geannuleerd, gevolgd door het opheffen van zijn reisverbod. Serebrennikov verliet Rusland en vestigde zich in Berlijn van waaruit hij begon aan een carrière die hem langs een groot aantal West-Europese toneel-, operahuizen en filmsets voerde. In Wenen maakte hij een Parsifal en Don Carlo, in Berlijn een Don Giovanni, in Amsterdam bij DNO een eigenzinnige interpretatie van Der Freischütz in 2022. In Hamburg regisseerde hij zijn toneelstuk De zwarte monnik. En afgelopen mei ging op het Filmfestival van Cannes zijn nieuwste speelfilm De verdwijning van Josef Mengele in première.
Serebrennikov koos voor het opvoeren van Boris Godoenov in Amsterdam omdat hij het de beste Russische opera vindt, ‘de beste ethische opera’. ‘Gegeven de toestand in de wereld, is Boris Godoenov geen exotisch Russisch verhaal meer. Helaas kunnen veel meer mensen zich nu hierin herkennen. Daarom heb ik gekozen voor het volk als belangrijkste personage, niet Boris of zijn uitdager Dmitri.’ Een tweede belangrijke beslissing was Serebrennikovs keuze om te putten uit het werk van de fotograaf Dmitri Markov met wie hij in het Gogol exposities en evenementen had georganiseerd. ‘Hij fotografeerde mensen in kleine steden, eenvoudige mensen tijdens hun dagelijkse handelingen, de Russische Cartier-Bresson. Zijn werk is doortrokken van empathie voor en mededogen met de gewone man. Wij waren samen al bezig met dit project toen hij in januari 2024 overleed, op dezelfde dag als Aleksei Navalny. Deze opera betekent een eerbetoon aan hem en zijn werk. Niet alleen gebruik ik het bij de vormgeving van de opera, we gaan ook een kleine expositie van zijn werk inrichten. Het decor bestaat uit een karakteristieke vijf verdiepingen hoog flatgebouw, de zogenoemde Chroesjtsjov-flats die in de jaren vijftig en zestig massaal werden gebouwd. Op tv-schermen zie je hoe de macht steeds in andere handen komt terwijl het leven van de gewone mensen onveranderd blijft. Het zijn parallelle universa. In Rusland zeggen we dat er elke dag honderden dingen kunnen veranderen maar over een verloop van honderd jaar verandert er niets.’
Wat antwoordt Serebrennikov dus op de vraag wie er na Poetin Rusland zal gaan leiden?
‘Een andere Poetin.’
Foto Vahid Amanpour






