Hij kon mensen onzeker maken. Door niets te zeggen en alleen indringend te kijken bracht hij velen in verlegenheid. De Boeddha aan de Amstel, zoals Paul Koek ooit zei. Dan verliep het contact moeizaam en eindigden de zanderige gesprekken in plichtplegingen – van beide kanten, want ook hij raakte zo in een sociale knoop. Als je daar doorheen brak, gingen deuren open. Langzaam maar gestaag drong je tot hem door en kwamen er zielenroerselen bloot te liggen. Scherpe intelligentie en licht-absurde humor dreven als eerste naar de oppervlakte. In gesprekken over opera’s waar ik met hem als dramaturg aan werkte, begon dan een vuur van passie te branden.
Tristan und Isolde, hoe hij als twaalfjarig jongetje aan de hand van zijn vader de Staatsoper van München binnenliep en daar een kosmisch liefdesmysterium meemaakte op de dag dat Neil Armstrong voor het eerst bijna gewichtsloos over het maanoppervlak wandelde. Dat werd een vertrekpunt om de complexe opera te tackelen: het contrast tussen dat kosmische en de kleine mens daarin. In het derde bedrijf komt een totaal gedesillusioneerde, uitgemergelde Isolde afscheid nemen van de kosmische liefde voor en met Tristan.
Wat zat er onder die zwijgzame blik? Een even rijke als tragische jeugd in een door burgeroorlog verscheurd Libanon. Na het vertrek in 1975 met zijn moeder, broer en zus naar Europa, ging de Pandora-doos Libanon potdicht. Meer dan vier decennia later keerde hij pas terug, met een grote emotionele weerzin. Hij kende alle verhalen van de gepleegde oorlogsmisdaden, ook die van de Libanese christenen. Zijn Oosters-katholieke achtergrond zou hij echter nooit verloochenen. Zagen wij nooit iets daarvan in zijn werk? Zeker wel. Il ritorno d’Ulisse in patria uit 1990 was ook een gedroomde terugkeer naar zijn eigen roots in de Levant. Die bestond voor hem vooral uit de regio van het eerste christendom, of van de Foenicische koningin Dido uit Tyrus die in Les Troyens van Berlioz in Carthago terechtkomt, waar zij een ontheemde Aeneas opneemt. De familie Audi komt oorspronkelijk uit Sidon, eenzelfde Levantijns kustplaatsje 35 kilometer noordelijker. Als jonge leider van een filmclub nodigde hij Pasolini uit naar Beiroet. Voor hem was dat de regisseur van Medea, met Maria Callas in de titelrol. Wie Audi’s esthetiek wil begrijpen moet naar de mythologische films van Pasolini kijken.
Het feit dat hij de politieke actualiteit in zijn ensceneringen vermeed, maakte zijn werk niet minder politiek. Hij groeide op met de verhalen van de Foeniciërs, de Grieken, de Romeinen, de Bijbel en bleef eenzelfde procedé van verhalen vertellen in zijn werk toepassen. De kracht van het mythische verhaal vond hij voldoende. Zijn klik met mij ontstond pas echt na de publicatie van mijn boek over het oriëntalisme in de opera. Als ik hem vroeg naar duiding en maatschappelijke relevantie antwoordde hij steevast: ‘I am a story teller.’ Als ik hem beledigde door zijn werk te bekritiseren antwoordde hij steevast: ‘Willem, I can’t change myself.’
Hij was een estheet. Tijdens repetities maakten wij – als hij even afwezig was – steeds de grap: ‘C’est pas beau.’ Met dat stopwoord vroeg hij zangers regelmatig om een scène nog eens te herhalen of anders te doen. Een dramaturgisch voorstel sneuvelde nogal eens: ‘c’est pas beau.’ Je zou het kunnen afdoen als een esthetische gevangenis, maar dat was het niet. Zijn vlijmscherpe intelligentie, ijzersterke intuïtie en onfeilbare timmermansoog voor verhoudingen lieten magische theatrale momenten ontstaan. De vorm was the message. Kunst was boetseren met de onbenoembare en onkenbare spanning tussen vorm en inhoud. Zijn passie ontvlamde bij Baselitz, Kounellis, Appel, Kapoor en Adnan. Zijn politieke actualiteit was persoonlijk en discreet.
Hij overleed in Beijing, in een land waar hij weinig affiniteit mee had. Meermaals vertelde hij mij over zijn belangstelling voor boeddhisme en voor de spiritualiteit van die beweging. Dat maakte China per definitie verdacht. Misschien was dat verlangen naar spiritualiteit even groot en even onbereikbaar als zijn verlangen naar schoonheid. Nu kan hij beide koesteren. Ik mis hem maar prijs me gelukkig dat ik de era Audi van het prille begin tot het bittere einde heb kunnen meemaken. Hij leerde mij wat opera kan zijn.
Foto Sarah Wong







