Het theater van de Veluwse Hanzestad Harderwijk (47 duizend inwoners) is sterk verouderd en lokale culturele organisaties, gemeente en politiek hebben wel vijftien jaar lang plannen gemaakt om daar iets aan te doen. Het resultaat is geen nieuw duur gebouw maar een samenwerking tussen partners, verenigd in de Stad als Podium. Theatermaker sprak een aantal betrokkenen.

Het is een verrassende keuze, zeker voor een kleine stad waar geen landelijk gesubsidieerd aanbod te zien is: in Harderwijk is een stichting opgetuigd met de naam Stad als Podium. Samen staan de dertien partners voor een ‘gevarieerde, eigentijdse jaarronde programmering van podiumkunsten en cross-overs met andere kunstdisciplines.’ Citymarketing? Niet echt, wel een beetje. Want op de website van Stad als Podium staat ook dat het aanbod ‘de stad aantrekkelijker maakt voor haar inwoners en bezoekers.’

Jos Vijverberg is sinds september 2019 directeur van de stichting. Daarvoor werkte hij acht jaar in een theaterwerkplaats in Rotterdam-Zuid. ‘Mijn taak is het realiseren van een zogenoemde stadsbrede programmering. Ik stuur de dertien partners aan. Uit die partners is een programmaraad van vijf personen samengesteld, werkzaam in het theater, het museum, de popschool en in festivals. We overleggen elke maand. Ik lever input, zij adviseren mij en ik hak de knoop door.’

Best een ingewikkelde opdracht. ‘In Rotterdam deed ik ervaring op met samenwerken in programmering. In Harderwijk moeten we overal zichtbaar zijn. Mijn doel is elke voorstelling, ieder concert of festival op de beste plaats te laten zien. De gemeente is de belangrijkste stakeholder. Harderwijk is een actieve stad met veel festivals als Happy Camper, Blije bietjes, Aaltjesdagen, Struinen in de tuinen en het Donkere Dagen festival. Ik wil graag nog meer avontuur programmeren. Zo ben ik blij met de komst van Lucas De Man en muziektheatergezelschap Bot. Maar ook wil ik me inzetten voor community art en er zijn hier cabaretiers die een flinke groeipotentie hebben. Het subsidiegeld is bestemd voor personeel, programmering en marketing, maar we hebben ook een prestatieopdracht. Uit kaartverkoop, sponsoring en horeca moeten ook eigen inkomsten komen. We ontwikkelen daarvoor nu verdienmodellen. Het is spannend. Belangrijkste is vertrouwen, commitment en samenwerking. Mooiste zou zijn als we over een jaar of wat zelf voorstellingen kunnen produceren in de haven.’

Actief cultuurbeleid

Harderwijk voert een actief cultuurbeleid. Het verplaatste de popschool naar het gerestaureerde voormalige stadhuis op de markt in de historische binnenstad en zorgde voor restauratie van de voormalige snijkamer van de universiteit, waar nu een museum voor schilder Marius van Dokkum is gehuisvest. Gert-Jan van Noort van de lokale ‘sociale duurzame partij’ Harderwijk Anders is wethouder Sociale Zaken, Cultuur, Welzijn en Onderwijs. Van Noort: ‘Wij maken bewust een keuze voor programmering en niet voor stenen. Theater Harderwijk is gevestigd in een middelbare school. Het is sfeerloos en verouderd. We hebben nagedacht over een nieuw theater maar daar was geen geld voor. Ook is er gestudeerd op een vlakkevloerzaal met driehonderd stoelen. Dat is afgewezen door de gemeenteraad.’

‘Stad als Podium is gestart per 1 januari vanuit de wens om inhoud, vernieuwing en verandering te realiseren in de podiumkunsten voor, in en van de stad – en dus niet vanuit de gebouwen. Cruciaal daarbij is de samenwerking tussen enerzijds de Stichting Podia Harderwijk (SPH) die de popzaal Estrado, de Catharinakapel en Theater Harderwijk beheert, en anderzijds de directeur van Stad als Podium. Die twee organisaties hebben samen een uitvoeringsovereenkomst gesloten voor de komende drie jaar.’

‘Tot nu toe kreeg Theater Harderwijk 350 duizend euro per jaar subsidie. Dat budget is overgeheveld naar Stad als Podium. De gemeente subsidieert de Stichting Stad als Podium in 2020 met een bedrag van 550 duizend euro. Daarnaast ontvangt de Stichting Theater Harderwijk een bedrag van 180 duizend euro voor het in stand houden van het theater voor binnenprogrammering.’

‘Na drie jaar moet het totaalbudget voor podiumkunsten 650 duizend euro bedragen voor programmering en de exploitatie van een theaterzaal. Inmiddels heeft onlangs een Harderwijkse ondernemer een plan uitgewerkt voor de bouw van een nieuw multifunctioneel centrum tegenover de Boulevard. Daarbij is een theaterzaal voorzien van vijfhonderd stoelen. De gemeente heeft 3,5 miljoen euro gereserveerd voor deelname in de bouwkosten. Dit staat los van de subsidie voor programmering en exploitatie. Alle inspanningen zijn gericht op de wens om meer mensen te laten kennismaken met podiumkunsten. En om daarbij nadrukkelijk nieuwe publieksgroepen zoals jongeren en migranten – 15 procent van de Harderwijkers is allochtoon – te bereiken.’

Theater Harderwijk presenteerde jaarlijks zestig voorstellingen, dat is nu teruggebracht tot veertig. Het theater programmeert cabaret, jeugdvoorstellingen, musicals, muziek en toneel van vrije producenten. Ook zijn er amateurvoorstellingen te zien. Van Noort: ‘Het theater brengt kennis in bij de Stad als Podium en is dus ook betrokken bij voorstellingen buiten het theater.’ Naast een directeur van Stad als Podium is door de gemeente een projectleider aangesteld. Van Noort: ‘Hij moet erop toezien dat de programmeringsdoelen gehaald worden en daar zo nodig op bijsturen. Hij adviseert ons ook bij de totstandkoming van de theaterzaal in het nieuwe multifunctionele complex.’

Zoektocht

Die projectleider is Dick te Winkel, voormalig directeur van poppodium Tivoli en nu consultant bij BMC dat vooral gemeenten adviseert. Hij is betrokken bij Harderwijk sinds 2017. ‘Mijn rol is het borgen van de belangen van de gemeente. Dat betekent toezien op de kwaliteit van de uitvoering van de samenwerkingsplannen, waarbij meer diversiteit en kwaliteit in programmering wordt beoogd.’ Is dat niet de taak van de directeur van de Stad als Podium? ‘Die moet het uitvoeren, wij moeten daarop toezien. Dit project is een zoektocht. Er zijn veel partners met allemaal een autonome ontwikkeling. Ik ben verantwoordelijk voor de vormgeving van de subsidierelatie. Bij totstandkoming is de onvrede over Theater Harderwijk een wezenlijk punt. De programmering is niet spannend en vergeleken met andere steden is er te weinig publiek. Gelukkig verandert dat nu met Teatro Só, het Ricciotti Ensemble, Barolosolo en BOT. Regie bij de Stad als Podium is van groot belang en de wil tot samenwerking ook. Dat vraagt om een sterke directeur met visie. Wat we natuurlijk niet willen is cliëntelisme. De Stad als Podium is een moeilijke opdracht waarbij de gemeente zichzelf opnieuw moet uitvinden. Het is een avontuur.’ Wanneer is de opdracht geslaagd? ‘Als er een breed divers programma tot stand komt binnen en buiten met onderscheidende producties. Harderwijk is best een hippe stad met actieve ondernemers zoals de uitbater van strandcafé Walhalla, die zomers in samenwerking met het Filmhuis cinema vertoont en ook het wintercircus organiseert. De stad heeft potentie in jongerencultuur. Het huidige poppodium Estrado is daarvoor te weinig geschikt en er wordt gestudeerd op andere opties.’

Verschil in visie?

Priscilla Smit is sinds 2011 marketingmedewerker van Theater Harderwijk en vanaf 2017 directeur. ‘De gemeente wilde de subsidie beëindigen in 2020. Dat zou sluiting tot gevolg hebben. Toen is de directeur opgestapt en is mij gevraagd om die functie over te nemen. Uiteindelijk heeft ons bestuur besloten om aansluiting te zoeken bij De Stad als Podium en is dus de overeenkomst voor drie jaar met hen tot stand gekomen.’ Door berichtgeving in de lokale pers over de onduidelijke situatie bij het theater is het bezoek afgelopen jaren afgenomen. ‘Mensen dachten dat we dicht zouden gaan terwijl dat niet zo was. Heel erg lastig. Gelukkig gaat het nu weer beter. Er is dus een plan voor een nieuwe zaal en of ik daar een rol in krijg is niet gezegd, maar ik zou wel graag mijn ervaring willen inbrengen. Voorop staat dat het aanbod dat we nu brengen voor Harderwijk behouden blijft. We hebben dus voorlopig nog drie jaar te gaan. We wachten de ontwikkelingen met de nieuwe zaal af en daarna zien we verder.’

Het is opmerkelijk dat een kleine gemeente het budget voor podiumkunsten bijna verdubbelt. Een keuze voor inhoud en niet voor stenen is lovenswaardig. Te dure prestigeobjecten zijn er al genoeg. De samenwerking in de Stad als Podium kan alleen slagen als partijen elkaar iets gunnen. De structuur met veel kapiteins en weinig matrozen is complex. Dat blijkt ook uit de voorzichtigheid waarmee betrokkenen spreken. Opvallend is dan ook dat projectleider Te Winkel een verschil in visie tussen bestuur en directeur van Stad als Podium signaleert wat hij twee weken later in een telefoongesprek tegenspreekt. Ook taken en bevoegdheden lijken nog niet uitgekristalliseerd. Theaterdirecteur Smit wil graag meer dansaanbod. Maar daarover beslist de directeur van de Stad als Podium. Smit is verbaasd. ‘Ik denk dat de rol van de directeur vooral is om te luisteren naar de partners.’ Anton Binnenmars, voorzitter van het bestuur van Stad als Podium, reageert laconiek. ‘Dat verschil in visie is er niet. Wel zijn er verschillende mogelijkheden om de doelen te halen. Dat vraagt lenigheid van geest van iedereen. Natuurlijk moet er hier en daar gemasseerd worden. Dat hoort bij vernieuwing en daar maak ik me geen zorgen over. Ik bewaak het gemeenschappelijke doel en bevorder het creatieve overleg.’ Maar wie heeft nu het laatste woord in de programmering? ‘De directeur wordt geadviseerd door de programmaraad, weegt de verschillende meningen en baseert daarop zijn besluit. Formeel is het zo dat het bestuur beslist en dus verantwoordelijk is. Mogelijk zal de directeur ons raadplegen, maar ik verwacht dat dit, zeker op termijn, niet nodig is. Omdat de opstartfase veel aandacht vraagt, komt het bestuur nu nog maandelijks samen, maar we groeien toe naar een Raad van Toezicht die vier keer per jaar bijeenkomt.’

De Stad als Podium is een ambitieus en moedig project met fraaie doelstellingen. Dat de gesprekspartners nog niet helemaal een eenduidig beeld hebben van de Stad als Podium lijkt vreemd, maar is tegelijk niet zo verwonderlijk. Uiteraard heeft dat zijn tijd nodig. Buiten kijf staat dat deze samenwerkingsvorm uniek is in Nederland.

foto Jan van der Kolk