Tijdens het Holland Festival werd drie dagen lang 15 uur uit Karlheinz Stockhausens 29 uur durende operacyclus LICHT (Die sieben Tage der Woche) opgevoerd. aus LICHT was de meest omvattende uitvoering van LICHT tot nu toe. De voorstelling was een fenomeen, de ontvangst fenomenaal. Wat betekent dit voor opera en moderne muziek?

Na de Tweede Wereldoorlog moest alles opnieuw en alles anders. Wederopbouw in de muziek was een fundamentele kwestie, letterlijk en figuurlijk. De klank zelf werd gestript, tot op zijn kleinste basiscomponenten. Op zoek naar de aleph, zou componist Dick Raaijmakers – naar Jorge Luis Borges – zeggen. Dat ene punt waar alles samenkomt. Twee componisten vonden dat punt: de Belg Karel Goeyvaerts en de Duitser Karlheinz Stockhausen. Goeyvaerts viel erdoorheen in een zwart gat. Stockhausen brak erdoorheen en kwam terecht in een nieuwe ruimte.

Vanuit de gestripte basiscomponenten (sinustonen) bouwde Stockhausen een klank op. Die gecomponeerde klank werd vanuit hetzelfde perspectief benaderd als de structuur van de hele compositie. Een muzikale revolutie. Tot dan toe, zo’n duizend jaar, bestond het Europese componeren uit het invullen van een tijdstructuur met kant-en-klare klanken (vocaal of instrumentaal). Met de elektronische muziek van Stockhausen werd de klank als het ware zelf een minicompositie, en werd de tijdstructuur op dezelfde manier behandeld als de klank. Daarmee kantelde Stockhausen het scheppingsproces en creëerde hij een radicaal nieuwe muziek. Die muziek werd bij latere (elektronische) werken uit de jaren vijftig van de vorige eeuw volgens een door de componist ontworpen route in de ruimte gedistribueerd. Zo werd het kleinste geluid een groots kunstwerk. Bovendien kwamen aan de uitvoering van elektronische muziek geen musici meer te pas, waardoor het hele muzikale proces door Stockhausen kon worden gecontroleerd.

LICHT (Die sieben Tage der Woche), waaraan Stockhausen van 1977 tot 2003 componeerde, bestaat uit zeven avondvullende opera’s; een Gesamtkunstwerk van in totaal 29 uur. Net als zijn vroege elektronische muziek is LICHT op een kernachtig gegeven gebaseerd. De aleph van toen is nu de Superformel. De superformule is het punt waar alles samenkomt, en waaruit alle materiaal van LICHT is afgeleid. Die formule bestaat uit een Michaelmelodie, een Evamelodie en een Luzifermelodie, waarin de melodische, ritmische en dynamische mogelijkheden van LICHT kernachtig zijn verwerkt. En ook in LICHT wordt de volle ruimte benut. De klanken komen van alle kanten.

Zoals Stockhausen de controle over zijn musiciloze elektronische muziek wilde hebben, zo wilde hij LICHT zoveel mogelijk zelf beheersen. Muziek, libretto, dans, handelingen en bewegingen zijn allemaal van zijn hand. Stockhausen vond dat theater het resultaat van muziek was. In het programmaboek van de wereldpremière van de complete SONNTAG (2011) zegt Stockhausen dat het belangrijk is dat de scènische handelingen die de muziek verduidelijken niet door een regisseur worden zerstört. De muziek moet volgens de componist zodanig worden ingestudeerd, dat zij ‘toegelicht’ de toeschouwer bereikt. En dat is niet, zoals het volgens hem normaal gaat, door toevoeging van een buitenmuzikaal element.

In de visie van Stockhausen zijn de personages de geluiden en intervallen van de superformule, en worden zij gerepresenteerd door de mensen die de klanken produceren. ‘Dus de ware acteurs in het hele werk LICHT zijn eigenlijk de toonhoogtes en de duur, de intensiteiten en kleuren, en de toonvormen van de superformule. Het is moeilijk om uit te leggen dat ik, als muzikant, geluiden als mensen zie en ze zo beschouw tijdens het componeren’, zo wordt Stockhausen in het programmaboek van aus LICHT geciteerd.

Daar treedt een spanning op. Aan de elektronische muziek kwam bij wijze van spreken slechts één ander mens te pas, zoals Stockhausens collega Gottfried Michael Koenig, die de klanken precies naar wens van de componist technisch realiseerde. Opera is daarentegen de kunstvorm van de samenwerking. Honderden mensen zijn bij één opera betrokken. Niemand is echt de baas. De muzikaal leider en de regisseur moeten er samen uitkomen. De vraag is of de muziek de bezoeker van LICHT daadwerkelijk ‘toegelicht’ bereikt, of dat Stockhausens theatrale realisaties de muziek juist in de weg zitten. Bovendien, zoals noten nog geen muziek zijn en er naast musici vaak nog een dirigent aan te pas komt, zo zijn dramaturgische aanwijzingen (voor de dans, handelingen en bewegingen) nog geen theater. Daarom klonk er, toen Stockhausen nog leefde, in de operawereld geregeld de roep om hem van zichzelf te bevrijden. Het verlangen dat de meestercomponist meesters uit andere hoeken van operadisciplines zou toelaten. Kortom: de wens om van LICHT theater te maken. Daar is gehoor aan gegeven in aus LICHT, de meest omvattende uitvoering van LICHT tot nu toe. Vijftien uur muziek, in een mise-en-espace van Pierre Audi, verdeeld over drie dagen, opgevoerd in de Gashouder van de Amsterdamse Westergasfabriek.

Gesamtkunstwerk
Stockhausen begon vlak na de Tweede Wereldoorlog met componeren. De wederopbouw was geen abstract nulpunt voor hem. Zijn moeder werd door de nazi’s vermoord, zijn vader sneuvelde, hijzelf verzorgde gewonde soldaten in een militair ziekenhuis. Dat autobiografische aspect komt terug in MICHAELs JUGEND, uit DONNERSTAG. Het was het eerste deel van LICHT dat Stockhausen componeerde, en de opening van aus LICHT. Tegenover het totalitarisme van de nazi’s stelde Stockhausen de verbeeldingswereld van de kunst. Elke maat in LICHT is anders. Altijd is er weer een alternatief akkoord, telkens weer een nieuwe melodische wending, een onverwachte klank, een ongehoord ritme. Stockhausens levensmotto, Furchtlos weiter!, komt terug in zijn hele oeuvre, en culmineert in LICHT: ‘De opera die mij interesseert kan alleen over eeuwige vragen handelen; ze is op de toekomst gericht, en blijft niet hangen in het verleden.’

LICHT gaat over de kosmische figuren Michael, Eva en Luzifer. Onderwerp is de mythische strijd en samenwerking tussen dit drietal. Temeer gezien die tijdloze claim valt het op dat de personages qua gelaagdheid negentiende-eeuwse operatrekken vertonen. Het vrouwelijk personage heeft de functie om te verleiden en te baren, de mannelijke personages zijn veruit de interessantste. Stockhausen zou tegenwerpen: het zijn geen personages, maar archetypische krachten. Eeuwige entiteiten zelfs. Hij zou kunnen zeggen dat LICHT cyclisch van opzet is, waardoor er per definitie geen ruimte is voor conventionele ontwikkeling van protagonisten. Niettemin sijpelen tijdgebonden persoonlijke opvattingen, zoals te lezen in Mary Bauermeisters Ich hänge im Triolengitter: Mein Leben mit Karlheinz Stockhausen (2011), af en toe door in een libretto over eeuwige figuren. Het roept de vraag op of Stockhausen net zo goed libretto’s als noten kon schrijven. Of de totale controle over alle parameters van opera niet tegen LICHT werkt.

Daar kwam Pierre Audi van pas, die volgens het programmaboek van aus LICHT regisseur was en volgens het persdossier de mise-en-espace deed. Audi heeft verstand van moderne muziek – dat is relatief schaars in de operawereld –, heeft inzicht in hoe je een festival creëert (zijn geesteskind Opera Forward Festival staat sinds de eerste editie op de kaart), en hij beheerst het ambacht van programmamaken. In nauwe samenwerking met muzikaal leider Kathinka Pasveer koos Audi de scènes van aus LICHT. Hij verdeelde die scènes over drie dagen (zoals hij in 2014 in de Gashouder de muziek van Luigi Nono presenteerde als De trilogie van het sublieme), met evenveel thema’s.

Bij aus LICHT waren dat Michael (dag één), Luzifer en Eva (dag twee) en samenwerking en opgaan in de ruimte (dag drie). Die keuzes toonden de pluriformiteit van LICHT. Van het meesterwerk MICHAELs REISE tot het bekritiseerde HELIKOPTER STREICHQUARTETT. Dat kwartet (uit MITTWOCH) is het tegenovergestelde van een zorgvuldig, uit de kleinste basiscomponenten opgebouwde klank. Een helikopter is een vrij onbeheersbare klankbron, die synchroon aan de helikoptertechnologie verandert, en daardoor interessante vragen oproept over de historische uitvoeringspraktijk van nieuwe muziek.

Audi vond het midden tussen een librettogetrouwe benadering en theater dat werkt. Van Stockhausens esoterie, zoals zijn inspiratiebron het Urantia Book (1955), was niets meer te merken. aus LICHT heeft theatraal-muzikale problemen van LICHT opgelost.

Ziedaar een schitterende paradox. Stockhausen had geen voorliefde voor regisseurs en wilde de muziek als personages laten spreken, maar zat die muziek vaak met esoterisch-dramaturgische aspecten in de weg. Audi greep dramaturgisch in en liet daardoor de muziek spreken. In aus LICHT kreeg de muziek van LICHT de ruimte.

9.226 bezoekers. Loftuitingen van vriend en vijand. De internationale pers jubelde. Zelfs de Duitse recensenten, die doorgaans uiterst kritisch zijn op LICHT, prezen de driedaagse. Het succes van aus LICHT is niet alleen aan de (uitvoering van de) muziek te danken. Het geluid was onberispelijk en alles wat het oog bereikte onweerstaanbaar. Kwaliteit van muziek laat zich lastig definiëren, maar een werkdefinitie kan zijn: muzikale kwaliteit is dat wat binnen een bepaalde context werkt. Wat moest werken, was het Gesamtkunstwerk, en dat stelt de voorwaarde dat alles van topniveau is. Dat was zo bij aus LICHT. De megalomanie die Stockhausen bij leven weleens werd verweten, verdampte hier, vanwege een sublieme samenwerking van een operateam op het niveau van Stockhausen. Zo verwerd pretentie tot positiviteit, met optimisme als grondtoon. Bovendien getuigde de programmering, de verdeling over de drie dagen, van inzicht in de materie. Daarom werkte aus LICHT, en daarmee werd LICHT ontsloten.

Festivalsfeer
De samenwerking tussen het Holland Festival, De Nationale Opera en het Koninklijk Conservatorium, dat een speciale masteropleiding voor aus LICHT in het leven riep, zorgde voor een bijzondere sfeer tijdens de voorstellingen. Stockhausen stond erom bekend dat hij van de musici perfectie eiste, en hoewel dat menig musicus tot ongekende hoogte deed stijgen, legde het ook een voor het publiek merkbare technische druk op de musici. Diezelfde musici waren ditmaal de leraren van de studenten die optraden (inclusief vier klankregisseurs). Dat zoveel musici die met Stockhausen hebben gewerkt hun kennis en ervaring hebben doorgegeven aan een nieuwe generatie, is van onschatbare waarde. De leerlingen moesten uiterst complexe muziek uit het hoofd spelen en zingen. Dat zorgde voor een sfeer van compassie. Er werd met plezier gespeeld en gezongen. Ook de kinderkoren zongen verbluffend, wederom uit het hoofd. Vreugde en ontspanning alom.

Wie bij de wereldpremière van de complete SONNTAG in 2011 in Keulen een foto maakte, riskeerde een boete van duizenden euro’s. aus LICHT was daarentegen socialemediavriendelijk. In de Gashouder werden geen doorwrochte urenlange inleidingen op Stockhausen gegeven. In plaats daarvan begonnen voorstellingen met in de klas opgenomen filmpjes van kinderen die met een ontwapenende eenvoud het verhaal van Michael, Eva en Luzifer vertelden. Geen negentiende-eeuwse representatie buiten de zaal, maar moderne presentatie als opmaat tot de voorstelling. Het vrij rondlopen bij de elektronische muziek die de voorstelling elke dag inleidde (GRUSS) en uitleidde (ABSCHIED) maakte de sfeer van een festival binnen een festival compleet. Die informele setting is kunstinhoudelijk van belang. Niet alleen informaliseert zij anachronistische aspecten van de opera- en concertzaal, bovendien gaf de afwezigheid van concentratie op een muzikaaltechnisch perfecte uitvoering psychische ruimte aan het muziektheater zelf. De elektronische stukken die de voorstelling met een formidabele geluidskwaliteit in- en uitluidden, waren een feest voor zowel geoefende luisteraar als nieuwkomer. De muziek klonk alsof ze met het grootste gemak was gecomponeerd – het klinkende resultaat deed vergeten dat wellicht niemand zoveel ervaring had met het componeren van elektronische muziek als Stockhausen. Dat gemak maakte de werken speels, wat past bij het rondzwerven. Bezoekers luisterden er niet minder om. Menigeen werd ogenblikkelijk Stockhausens fantasierijke klankwereld binnengezogen. De daar verklankte en geregisseerde vrijheid is de bestemming van de kunst. Daarmee was aus LICHT een triomf op het kwaad waar Stockhausen oorspronkelijk op reageerde.

Programmatische consequenties
Vier jaar voorbereiding, 450 repetities in drie jaar, 480 medewerkers van 10 tot 67 uit meer dan vijftig landen. Geïnteresseerde leken luisterden samen met specialistische liefhebbers uit de hele wereld geboeid naar de meest complexe muziek. Stockhausen is doorgebroken.

Wat betekent dit voor de opera en wat betekent het voor de moderne muziek? En wat zijn de consequenties voor het programmeren?

Het visuele aspect was adembenemend. Maar dat is niet waarom zoveel mensen, onder wie velen die daarvoor nog geen noot van Stockhausen hadden gehoord of zelfs zijn naam niet kenden, bleven luisteren, urenlang, dagenlang. Het komt, toch weer, door de muzikale binnenstructuur. Die uiterst dynamische en rijke muziek, die zichzelf nooit herhaalt. Daarom vloog de tijd voorbij in de soms ellenlange stukken, ook voor menig nieuwe luisteraar. Omdat ook deze luisteraar hoorde: hier gebeurt iets.

aus LICHT leert dat spannende muziek die binnen de juiste context vanuit een diep begrip van die muziek zorgvuldig is geprogrammeerd op vele, enthousiaste luisteraars kan rekenen. Publiek wordt niet de zaal uitgejaagd door complexe muziek, maar door boekers die de plaats van programmamakers hebben ingenomen. Er is na aus LICHT geen publieksargument meer om postromantische kitsch te presenteren. Wie nu nog Ludovico Einaudi, Joep Beving of aanverwanten boekt, minacht het publiek. Ruim baan voor spannende muziek van nu, gepresenteerd in echte programma’s. Het ambacht van programmamaker moet in ere worden hersteld, met het niveau van programmatisch inzicht van Pierre Audi als ambitie.

Geb’ es weiter’, zei Stockhausen eens. Volgens Kathinka Pasveer, niet enkel muzikaal leider van aus LICHT maar ook levenspartner van de componist en eminent kenner van diens oeuvre, zou Stockhausen gelukkig zijn geweest met het resultaat van aus LICHT. Niemand weet dat beter dan zij. De vraag is of het zover zou zijn gekomen als Stockhausen nog had geleefd. De kans is aanzienlijk van niet. Daarvoor was Stockhausen te veel op zijn eigen ideeën gericht en heeft Audi te veel respect voor levende componisten.

Daarom is het goed dat LICHT nu definitief het ‘publieke’ domein van opera – de meest internationale kunstvorm – heeft betreden. Daar kunnen WELT-PARLAMENT en al die andere delen en dagen een eigen leven gaan leiden. Kunnen experts uit allerlei disciplines het werk bevruchten. Telkens leren van voorgaande producties, telkens nieuwe benaderingen, met net zoveel variatie als de muziek van Stockhausen. Op weg naar de eerste volledige LICHT-cyclus. Fruchtbar weiter!

Foto: aus LICHT dag 3, Ruth & Martin Walz