Toen ik vier jaar geleden begon aan de toneelschool had de crisis net ingeslagen en leek het een slecht idee om de toneelwereld in te gaan. Nu, in 2015, zie ik dat gezelschappen van binnenuit vernieuwen en dat denkwijzen veranderen. Hoe verhoud ik mij als pas afgestudeerde kunstenaar tot de alsmaar veranderende kunstensector?

Door de massamediatisering van de westerse samenleving lijkt het steeds moeilijker te worden om er zoiets als één enkel wereldbeeld op na te houden. Ik ben nu vooral op zoek naar manieren om te kunnen reageren op de veelheid aan mogelijkheden die de huidige tijd biedt. Ik ben elke dag weer op zoek naar mijn eigen plaats binnen de oneindige wereld van keuzes en hierdoor is mijn identiteit constant in beweging, in een veel hoger tempo dan een aantal jaar geleden.

Kunstenaars zijn altijd op zoek naar een bepaalde ‘waarheid’. Deze zoektocht lijkt in de afgelopen jaren verschoven te zijn, doordat deze waarheid veel dichter aan de oppervlakte is komen te liggen, vooral door de veranderende gedachte dat we deze ‘waarheid’ zelf moeten of kunnen creëren. De ‘waarheid’ is dat wat je concreet ziet of wat er wordt verteld, dat wat de theatermaker heeft geconstrueerd.

Het postmoderne tijdperk, waarin de twijfel aan de waarheid vooral geuit werd in ironie en cynisme, wordt hiermee beëindigd. Er is weer plaats voor optimisme en idealisme en hiermee zijn we beland in wat sommigen (zoals cultuurwetenschappers Timotheus Vermeulen and Robin van den Akker) al een ‘metamoderne’ tijd noemen, waarin het weer mogelijk lijkt om iets te creëren. De veranderende werkelijkheid uit zich in dit metamodernisme vooral door de gedachte dat alles om ons heen fictief is. Alles vindt plaats binnen een verzonnen of afgesproken realiteit. En welk medium is beter om te spelen met deze verzonnen realiteit dan het theater?

De afgelopen jaren heb ik voorstellingen gezien waarin wordt gespeeld met deze verzonnen waarheid: voorstellingen waarin bestaande personages zich bewust worden van hun drama en hun verhaal van binnenuit beginnen te manipuleren; voorstellingen waarin nieuwe personages binnen een bestaand verhaal worden geweven om zo een nieuw verhaal te creëren; voorstellingen waarin wordt gezocht naar manieren om de toeschouwer op een nieuwe en veel directere manier aan te spreken. Kunstenaars durven weer in alternatieven te denken zonder te verdwalen in naïviteit. Hierdoor creëren we een nieuwe ‘waarheid’ voor onszelf en ontstaan er mogelijkheden om de kunst opnieuw uit te vinden.

We moeten ons niet verzetten tegen het postmodernisme, maar het juist gebruiken in de idealistische wereld van het metamodernisme, om opnieuw theater te kunnen creëren dat echt iets kan zeggen over de werkelijkheid of de maatschappij, die door onze oneindige keuzemogelijkheden een chaos lijkt te zijn geworden.

Ik hoop dat het metamodernisme opgemerkt zal worden door het grotere publiek. Met deze gedachte stap ik met groot vertrouwen het werkveld in, waar ik hoop nog vele voorstellingen te kunnen maken en spelen.