Choreograaf Rudi van Dantzig schreef in 2003 een biografie over de homoseksuele verzetsstrijder en kunstenaar Willem Arondéus, met als titel Leven van Willem Arondéus 1894-1943: een documentaire. Hij wilde hiermee recht doen aan het feit dat ook homoseksuelen in de oorlog verzetsdaden pleegden. In geval van Arondéus was dat onder meer het vervalsen van persoonsbewijzen. Ook blies hij met een groep geestverwanten het Amsterdamse Bevolkingsregister op. Het kwam hem en de anderen duur te staan: op 1 juli 1943 werd hij in de duinen bij Overveen gefusilleerd.

Zoals Van Dantzig in zijn dansstukken regelmatig homoseksuele thema’s verwerkte, doet ook theatermaker Daniël Cohen dat in zijn musicals. Als opvolger van zijn veelgeprezen voorstelling De mol en de paradijsvogel uit 2023 (over Albert Mol en diens nalatenschap) maakte hij bij Opus One speciaal voor deze Pride-maand de musical Willem & Frieda: roze verzet, die exclusief is te zien in theater DeLaMar in Amsterdam.

Frieda staat voor Frieda Belinfante, zij is de tweede hoofdpersoon in dit opmerkelijke verhaal. Ook zij behoorde bij het groepje kunstenaars dat in de eerste jaren van de oorlog niet stil bleef zitten, maar in actie kwam. De klik tussen hen kwam voornamelijk doordat zij in die groep ook buitenbeetjes waren: Willem homo, Frieda lesbisch.

In deze raamvertelling laat Cohen, die niet alleen de tekst schreef maar de voorstelling ook regisseerde, Arondéus uit de dood opstaan om Belinfante in 1946 in Californië te bezoeken. Door te vluchten naar Zwitserland is zij de dodendans ontsprongen. Ze vertrekt naar Amerika, waar ze probeert haar werk als cellist en dirigent weer op te pakken. In die fictieve ontmoeting hekelt Arondéus haar oppervlakkige bestaan, en nodigt haar uit hun oorlogsverhaal opnieuw te vertellen in, jawel, een musical.

Met dat uitgangspunt ontrolt Willem & Frieda zich als een biografische musical die af en toe de vorm van een oratorium heeft. Dat komt voornamelijk door componist Job Greuter, die een wonderschone, originele en bij tijd en wijle ook hondsmoeilijke score schreef. Greuter is overduidelijk geïnspireerd door componist Stephen Sondheim, met zijn repetitieve composities, jazzy soms, vol opzwepende en zwoele elementen. Verwacht dus geen powerballads of liefdesduetten, maar eigentijds muziektheater dat een historisch onderwerp van een stevig fundament voorziet. Knap en gedurfd.

Vanuit het Amerika van 1949 duiken we meteen de oorlogsjaren in, waarin de levens van Willem en Frieda elkaar kruisen. Freek Bartels speelt Willem Arondéus even vermetel als dartel, waarbij hij met zijn rijke ervaring zelfs de lastigste zangpartijen moeiteloos aankan. Schalks is hij ook, met grapjes over hun geaardheid en een knipoog naar zijn voorkeur voor Urkse vissersjongens en jonge groenteboeren. Kim van Zeben is een aanvankelijk wat stugge maar uiteindelijk innemende Frieda, die niet uit is op heldendom maar op rechtvaardigheid.

Naast en tussen deze twee hoofdrolspelers, staat een ensemble van talentvolle artiesten, die soms te jong zijn voor de rollen die ze spelen, maar dat niettemin enthousiast doen. Julia Herfst is zowel Frieda’s Amerikaanse vriendin als verzetsheld en als couturier Sjoerd maakt Sem van der Hijden van het lied ‘Spertijd’ een ondeugend nummer waarin de mannen en vrouwen op jacht gaan. Cohen bewijst zich opnieuw als een goed ensembleregisseur die in deze soms statische kleinkunstsetting toch het nodige leven brengt.

Sommige nummers duren te lang, andere doen wat vreemd aan – zoals ‘We hebben een plan’, een stapellied waarin de aanslag wordt voorbereid. In zijn script geeft Cohen ook ruimte aan assimilatieproblemen van andere minderheden in Amerika, en dat wordt helaas net iets te stichtelijk.

Tegen het eind is er een prachtig gezongen en geregisseerde (bijna-)slotscène: het nummer ‘Alles is zo licht’, waarin vanuit de duisternis en in saamhorigheid wordt teruggekeken op wat er in die gruwelijke jaren is gebeurd. ‘Vertel na de oorlog aan de mensen dat homo’s niet minder moedig hoeven te zijn dan andere mensen’, schijnt Willen Arondéus te hebben gezegd toen hij na de aanslag werd gearresteerd en in de gevangenis belandde.

In Willem & Frieda: roze verzet wordt voor in ieder geval deze twee moedige mensen een muzikaal monument opgericht. Opdat we niet vergeten.

Beeld: Liza Kollau