Het is onbegonnen werk om in een paar woorden recht te doen aan wat er allemaal voorbijkomt in de voorstelling Kill Me van Marina Otero. Des te noodzakelijker wordt het dan om de woorden te vinden die beschrijven wat de voorstelling oproept en aanricht. Want dat is niet niets. (meer…)
While Taking Shape van Amparo Gonzalez beleefde afgelopen weekend zijn première tijdens Spring Performing Arts Festival en is alweer de vierde productie die de onafhankelijke choreograaf uitbrengt sinds 2017, na Caravana (2017), If every rock is a hole (2022) en The conspiracy of forms (2023).
Met intieme blikken en aan het publiek ontfutselde gestes van rustende handen, armen over elkaar of hand tegen het gezicht om te leunen, bouwen Amparo Gonzalez en haar dansers een intiem kwartet. While Taking Shape begint als een dialoog met het publiek over houding, afstand en nabijheid. De performers lijken het gevoel dat ligt in de gewisselde blik mee te nemen naar het speelveld en te verbinden met de blik van anderen in de ruimte.
Het is een raadselachtig spel. Het publiek zit rondom en kijkt in stilte toe. Er ontstaat een web van blikken – van de toeschouwers naar de performers, terug naar enkele toeschouwers – en uitwisselingen, ook tussen toeschouwers onderling. Sommige mensen zijn buitengewoon verlegen, iets dat duidelijk gerespecteerd wordt. Anderen toveren een brede glimlach op hun gezicht en dat van de performer.
Soms wordt het oogcontact meters meegenomen op de vloer, dan weer ontstaat het van heel dichtbij en mag het daar ook blijven. Nooit wordt de aard van de verbinding per se onthuld, door een beoordelende geste of iets met een derde te delen. De performers nemen de blik en de houding stomweg in zich op en transformeren die voor zichzelf in de ruimte tussen de mensen.
In die vertaling van de houdingen, blikken en – naar ik aanneem – de gevoelens over en weer, heeft Gónzalez zichzelf en haar collega-performers behoed voor al te letterlijke lezingen. Rita Bifulco, Amador Alina Folini, Leandro de Souza en Gónzalez laten hun vuisten, armen en handen verdwijnen in de lucht, draaien ze achter het lichaam en vinden dan vaak een uitweg via de vloer, hun lichaam langzaam inzakkend.
De inzet van de vertaalslag is vanaf het begin intens. De gezichten van de performers lopen vaak rood aan van de inspanning. De stilte verzwaart de aandacht nog eens. Kleine belletjes aan schoenen en kleding houden het geheel echter licht, zoals ook ontwerper Vinny Jones de setting subtiel van licht heeft voorzien. Aanvankelijk is het allemaal van een zeer tedere of open en genereuze kwaliteit.
Waar katten belletjes om krijgen om vogels te waarschuwen voor de komst van sluwe jagers, lijken de belletjes in While Taking Shape eerder bedoeld om de subtiele uitwisseling net dat beetje accent te geven, en het publiek te herinneren aan hoe voorzichtig de performers te werk gaan. Ze voegen hun stemmen bij de bewegingen, ‘I know this is happening’, klinkt het uit de vier monden en dan ook echoënd uit de de speakers die rondom zijn opgesteld.
Nu valt op hoezeer de romp wordt gedraaid, en ook armen en benen tot het uiterste worden gestrekt, de vingers vaak krampachtig gekromd als sluitstuk. Steeds meer spreekt er een lijden uit de houdingen, die meer en meer in samenhang getoond worden, als een choreografisch tableau. Haast onmerkbaar transformeert voorstelling zo naar een intenser incorpereren, dat iets momumentaals krijgt, autonoom functioneert en steeds minder over empathie en uitwisseling gaat.
Van het vestigen van aandacht op een vluchtig proces kijken we nu naar stille lichamen in onmogelijke posities. De gezichten van de performers laten geen kermend geluid, geen vertrokken gezicht ontsnappen, terwijl hun lichamen steeds meer aan revolutionaire prenten en oorlogsmomunenten doen denken. Nergens verwijderen de performers zich van de gestalte, nergens lijkt de inzet op die van een re-enactment of een reconstructie. De sociale, psychologische of politieke inbedding wordt aan het publiek gelaten.
While Taking Shape is niet alleen een ontroerende mediatie, het confronteert ook. De machteloosheid die velen voelen rond de onrechtvaardigheid van oorlogen en slachtingen van onschuldige burgers, als apartheids- en oorlogstaktiek, zoals Israël en Rusland nu doen, het uithongeren en bombarderen van Palestijnen stomweg omdat ze Palestijns zijn – nergens wordt het als zodanig benoemd. Er zijn vele situaties waar mensen in het bijzijn van anderen kapot gaan en niemand iets doet.
In plaats van nog meer woede en onmacht te stapelen, laat Gónzalez haar publiek rustig kijken en zich afvragen hoe we van zoveel subtiel gevoel voor elkaar haast ongemerkt kunnen afglijden naar een meedogenloos objectdenken, waar we ons leren afkeren van andermans lijden en ons verschansen voor de aanblik. Het zijn altijd de overwinnaars die monumenten bouwen, voor zichzelf wel te verstaan. Gónzalez heeft een vorm gevonden om ook tijdens de aanblik van gewelddaden ons gevoel toe te laten, overigens zonder het te moraliseren.















