Wie jarig is trakteert, krijgt cadeautjes en nodigt mensen uit voor zijn feestje. Het jarige Via Berlin weet hoe het werkt. Om er zeker van te zijn dat hun tiende verjaardag een onvergetelijke gebeurtenis zou worden, verstuurden Dagmar Slagmolen en Rosa Arnold, de moeders van het gezelschap, al vroeg de eerste uitnodigingen. (meer…)
Een bos met diepe valleien in West-Terschelling. Klinisch witte eettafels staan her en der verspreid, sinistere muziek met slijpende violen, ruisende percussie en welluidend-roestige gitaarrock klinkt. Mooier Oerol kun je niet treffen, hier op de Loodsenplak. Het publiek neemt plaats op uit bomen gezaagde planken. Via Berlin speelt hier When did you leave?, over een familiereünie ter ere van de tachtigste verjaardag van pater familias Paul.
Dit had, aldus het gezelschap, een ‘verstikkend familiediner’ moeten worden, maar ergens is het helemaal mis gegaan. Familiediners geven aanleiding tot vaak schitterende kunst, denk aan de film Festen van Lars von Trier of het toneelstuk Hébriana van Lars Norén. Zoiets moet de groep voor ogen hebben gestaan. De personages als de vader zelf en zijn hele entourage worden één voor één voorgesteld door de verteller, regisseur Dagmar Slagmolen die ook het concept bedacht. Zij is in het onopvallend bruin gekleed en valt weg tussen de bomen, de andere spelers zijn in het stralend wit.

Slagmolen leest van een tablet de lange tekst voor met weinig variatie in haar dictie. Zij is de vertellende instantie die de personages benoemt, kort karakteriseert en vervolgens de tragische dynamiek benoemt tussen de familie. Grote maatschappelijke thema’s worden nogal clichématig aangekaart, zoals die over mannelijkheid versus vrouwelijkheid, immigratie als bedreiging van de eigen inwoners (dixit de rechtse dochter Merel), tradwife Tessa die vindt dat de vrouw in de keuken thuishoort, een kleindochter die haar naam verwerpt en van gender wil veranderen. Plus de vader die een vriend heeft op zijn tachtigste die elke dag langskomt.
Auteurs Basak Layic en Simone van der Steen geven er een wat Terschellings tintje aan door het over trekvogels (kanoet) te hebben die ‘continenten met elkaar verbinden’. Maar dit interessante gegeven (overigens ontdekt door trekvogeldeskundige Theunis Piersma) krijgt geen vervolg in het verhaal, het wordt en passant benoemd. Tijdens het diner zetten de spelers een konijnenmasker op met lange, opstaande oren. Wat is daarvan de bedoeling? Een verwijzing naar de medebewoners in de duinen?

Ondertussen voeren de spelers een trage choreografie uit (Slagmolen en Pim Veulings) door te rollen over de bosgrond, te kruipen onder en tussen de tafels door en weg te rennen en weer terug te keren. Het lijkt veel, maar het is in wezen niks. Ze brengen iets van orde aan door de lange familietafel in slagorde door het bos te plaatsen en vervolgens eindigt alles in chaos. Door de opzet van een vertellende instantie die de tekst geeft van de karakters en hun eenduidige kostumering valt hun persoonlijkheid weg.
De personages raken verloren in het bos, en daarmee ontnemen ze de toeschouwer elke mogelijkheid zich met een van hen te identificeren, mee te denken met hun ideeën of met hen mee te leven. De combinatie van dans en ideeën, van een alwetende, onpersoonlijke vertelstem en als hevig gepresenteerde emoties werkt niet; het blijven woorden zonder ziel, dialogen zonder interactie. Een gedroomde locatie, maar de voorstelling verzuimt die locatie werkelijk tot iets essentieels van de handeling te maken.
Foto’s: Nichon Glerum














Knap hoe Via Berlin steeds weer weet te verassen met een andere vorm om maatschappelijke thema’s, dit keer heel dichtbij en daardoor herkenbaar, naar theater weet te vertalen.
In een soort podcast die uitgebeeld werd door fantastische combinatie van dans en muziek. Ik heb genoten.
Daarbij; het verhaal werd prachtig verteld door Dagmar Slagmolen die elk familielid een eigen stem en kleur gaf.