In de nieuwe muzikale schoolvoorstelling Vlucht van Raaf Muziektheater werken vader Daeda en zoon Ica samen in het bouwbedrijfje van Minos Towers. Zijn vader verwacht dat Ica zich aanmeldt voor de Bouwschool, maar Ica studeert liever voor hiphopartiest. Tussen de Makitadozen tovert Ica overal muzikale elektronica tevoorschijn om kinderen in raps te vertellen over hun leven.

Voordat de echte voorstelling kan beginnen, moeten Daeda en Ica nog iets aan het plafond doen, claimt Daeda (Amro Kasr, ook de schrijver). Vlucht speelt voornamelijk in aula’s en speelzalen van basisscholen en die setting is nagebootst in de kleine zaal van Zuidplein, waar het plafond natuurlijk vele malen hoger is. Ze turen even naar boven om erachter te komen dat ze de verkeerde tekeningen hebben gekregen, waardoor het allemaal nog iets langer gaat duren. In regie van Nita Kersten is vader brommerig maar goedgelovig en zoon optimistisch en goedgemutst.

Terwijl zijn vader zijn gemene baas Minos op de hoogte brengt, smeedt Ica (Mika de Pee) een band met het jonge publiek. In een leuk decor van Calle de Hoog bestaat alles uit Makitamaterieel. Uit een hoge toren boormachine-opbergers komt onder andere een steigerpijp tevoorschijn, een Makita-koffiezetapparaat en een Makita-boombox, maar Ica heeft er ook elektronische muziekapparatuur in meegesmokkeld. Daarmee schetst hij het sikkeneurige karakter van Minos, maar overtuigt hij ook zijn schuchtere vader om eindelijk de waarheid te rappen over zijn verleden. Daar is hiphop uitermate geschikt voor.

Vlucht is een samenwerking met Theater Zuidplein en Kasr verwerkte zijn eigen ervaringen en die van andere Rotterdammers in het verhaal. Daeda heeft moeten vluchten met zijn zoon op zijn arm en komt ternauwernood rond. Die onthulling komt wel een beetje uit de lucht vallen, zeker gezien de mooie elektronica waarover Ica beschikt, maar voor Ica vallen er wel dingen op zijn plek. Waarom hij zo vaak hetzelfde eet als dat andere jongetje dat van de voedselbank afhankelijk is, en waarom hij geen echte Nike-schoenen krijgt.

De voornaamste inspiratie vormt echter de mythe van Daedalus en Icarus, waar Kasr met woordspelingen als Minos Towers, of een verwijzing naar een ‘schuldendoolhof’, luchtig naar verwijst. Mooi is hoe hij er een herkenbaar dilemma uit het ouderschap uit haalt: vader probeert zijn zoon op de grond te houden, zodat hij niet kan vallen, maar kinderen laten zich niet tegenhouden. Ica heeft zich stiekem allang ingeschreven voor een artiestenwedstrijd, met als prijs een plaatsje op de artiestenopleiding. Fijn om te zien dat vader na deze ontdekking snel omschakelt om zijn zoon van een afstandje aan te gaan moedigen.

Foto: Bart Grietens