Recensie

Theatre of the World
Holland Festival / De Nationale Opera / Louis Andriessen / The Quay Brothers
★★★☆☆ Opera
11 juni 2016 - Koninklijk Theater Carré, Amsterdam - Speellijst
Er kleeft geen boekenstof aan
Door gepubliceerd 12 juni 2016

The Last Man who Knew Everything, is de titel van een bundel over Athanasius Kircher (1602-1680). Die titel is ironisch: Kircher was vooral iemand die dacht alles te weten, die de ‘Egyptische wijsheden’ op alle obelisken in Rome vertaalde, speculeerde over de onderaardse wereld en over reizen langs de planeten, een wonderkamer vulde met naturalia en antiquaria, een ‘componeermachine’ ontwierp en kikkers weer tot leven probeerde te wekken.

Maar een knooppunt van kennis was hij zeker: in het Collegio Romano zat hij in het centrum van het wereldwijde Jezuïtische correspondentienetwerk, en met steun van de Paus liet hij zijn toch mild ketterse, prachtig geïllustreerde werken verschijnen in Amsterdam. In later eeuwen werd Kircher een curiosum voor bibliofielen en wetenschapshistorici; rond de eeuwwisseling is hij, mede door toedoen van Umberto Eco en een drietal tentoonstellingen, uitgegroeid tot een cultfiguur.

De nieuwe opera van Louis Andriessen, Theatre of the World, is dan ook niet de eerste artistieke adaptatie van het leven en werk van Vader Athanasius. Wel is het, als vlaggenschip-productie van De Nationale Opera en het Holland Festival, beslist de grootste tot nu toe. De gebroeders Quay, die twee jaar geleden een fenomenale tentoonstelling in EYE hadden van hun lugubere marionettenspelen en stop-motion-animaties, ontwierpen het decor. Louis Andriessen is niet alleen de enige levende Nederlandse componist die school gemaakt heeft, hij heeft ook een reputatie voor pittige onderwerpen, zoals Che Guevara (Reconstructie), seks met paarden (Rosa, a horse drama) en seks met je vader (Anaïs Nin). Alle ingrediënten aanwezig, kortom, voor een geest- en zinnenprikkelend totaalkunstwerk.

En toen kon het natuurlijk alleen maar tegenvallen.

Je moet Andriessen & co nageven, dat ze er niet een slideshow van gekke zeventiende-eeuwse boeken van hebben gemaakt. (Had ik zelf wel leuk gevonden.) In plaats daarvan gaat Kircher op een extatische onderaardse reis naar China, Babylon en Egypte, in het gezelschap van zijn uitgever, zijn grootste criticus Paus Innocentius XI en een jongen die (spoiler alert!) de duivel blijkt te zijn. Er wordt gezongen in zeven talen, en vrijwel alles waar Kircher over heeft geschreven komt en passant aan bod. Athanasius wordt fantastisch gezongen door Leigh Melrose, en Steven Van Watermeulen heeft een heerlijke dubbelrol als slijmende uitgever en cynische criticus. Cristina Zavalloni heeft een ornamentele rol vanuit de verte, ingebed in een levensgrote zwevende heiligenlijst. Door de afstand is ze jammer genoeg minder goed te horen, maar het moment dat ze naar voren komt en een tango mortale met Athanasius aangaat is het muzikale hoogtepunt.

Maar als voorstelling werkt het niet. De intellectuele fascinatie van en voor Kircher komt niet over, er kleeft geen boekenstof aan. Een magische reis rond de wereld, dat deden we ook op het schooltoneel. Muzikaal is het minder bars en uitgesproken dan het vroegere werk van Andriessen, soms haast filmmuziek-achtig, maar nog steeds hetzelfde idioom. Alleen die Chinoiserie had niet gehoeven. De maquettes die de gebroeders Quay maken voor hun animaties zijn miniaturistische kunstwerken op zich, maar opgeblazen tot operaformaat gaat dat effect verloren.

Er lopen teveel overbodige figuren op het toneel rond. Over de diabolische jongen (Lindsay Kesselman) valt nog te twisten, hoewel ik ‘m zelf vooral irritant vond. Maar wat moeten we met drie wulpse heksen, een kroelend stel en een kontneukende Paus? Er was wellicht maar één ding waar Athanasius Kircher geen verstand van claimde te hebben, en dat was nou net seks.

Het was ontroerend om tijdens het applaus Louis Andriessen en Reinbert de Leeuw elkaar op het podium te zien omhelzen, twee mannen die de geschiedenis van de nieuwe muziek in Nederland belichamen. Ik kon me niet aan de gedachte onttrekken: vijftig jaar geleden zouden jullie dit hebben genotenkraakt.

Foto: Ruth Walz

5 Reacties

  1. Athanasius
    Geplaatst op 16 juni 2016 om 23:59 | Permalink

    U had ook nog meer over uw schooltoneel kunnen vertellen (Had ik zelf wel leuk gevonden)

  2. Geplaatst op 17 juni 2016 om 00:30 | Permalink

    Bij de eindvoorstellingen op mijn basisschool werden ieder jaar de hoofdrolspelers in een doos/boek/wc/whatever gezogen om vervolgens wonderwijs op vier vreemde plekken te belanden. Dat gebeurt hier dus ook. Ik doe niet aan ‘dat kan mijn dochtertje ook’-argumenten, maar het is op z’n zachtst gezegd niet zo’n heel sterke plotwending.

  3. Tom
    Geplaatst op 17 juni 2016 om 10:06 | Permalink

    Groot contrast met de andere recensies. Wellicht mede doordat de schrijver al wat bevooroordeeld in de zaal zat.

    ”En toen kon het natuurlijk alleen maar tegenvallen.”

  4. Niek Idelenburg
    Geplaatst op 18 juni 2016 om 13:50 | Permalink

    Ik had ook wel een tomaatje willen gooien.

    100 euro voor een kaartje (voor niet eens een heel goede plek) maar goed we zijn benieuwd.
    Het was geen beste avond: Veel te harde versterking! De hele avond kraakte en bromde de zendmicrofoon van de hoofdrol, die pas tegen het eind van de voorstelling werd vervangen> midden op het toneel! Dat duurde vervolgens 10 minuten.

    Reinbert de Leeuw kan aanstekelijk praten over muziek en dat moet hij blijven doen. Maar waarom maken deze mannen na een prachtige carriere geen ruimte voor een nieuwe generatie?: Neem een coachende rol aan en help nieuw talent met hun carriere.
    Deze opera was een soort jaren 70 vehikel. Niet te volgen. Waarom zou je het maken?
    Ik heb van Andriessen veel beter werk gehoord.

    Naar beneden kijkend bij het applaus zag ik hele vakken niet applaudiseren. Dat is nog eens een dramatisch einde!

  5. Geplaatst op 19 juni 2016 om 14:23 | Permalink

    @Niek: Louis en Reinbert nemen al een coachende rol aan voor jong talent en hebben hele generaties opgeleid aan het Haags Conservatorium. Ik ben het met je eens dat Louis niet meer grensverleggend is (en daarom verschil ik ook van mening met mijn collega’s hiernaast) maar binnen zijn idioom probeert hij wel nog steeds nieuwe dingen te doen, met wisselend resultaat. Je kunt hem (en Reinbert) niet kwalijk nemen dat ze doen waar ze goed in zijn en lol in hebben.

    @Tom: volgens mij wordt uit mijn recensie redelijk duidelijk waar ik mijn oordeel op baseer en welk vergelijkingsmateriaal ik hanteer. De ervaring leert dat projecten die op papier indrukwekkende Gesamtkunstwerke lijken op het toneel vaak tegenvallen. Dat betekent niet dat ik hoop dat ze mislukken (dat lijkt me tamelijk sadomasochistisch), wel dat ik de mogelijkheid incalculeer.

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

U kunt de volgende HTML tags en attributen gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*
*

LET OP: op deze recensie rust auteursrecht. Voor geheel of gedeeltelijke overname, in welke vorm dan ook, is vooraf toestemming nodig van de uitgever.

Elders

de Volkskrant
★★★★☆
'Regisseur Pierre Audi, die in zijn meeste ensceneringen naar soberheid en evenwicht streeft, toont zich hier van zijn uitbundige kant. Dat klopt wel met de snelle afwisseling die muziek en verhaallijn kenmerkt, maar het maakt het toneelbeeld erg druk. (...) Andriessen weet zijn vermogen om de meest uiteenlopende jasjes aan te trekken in balans te brengen met de onvervreemdbare sound van zijn schroeiende akkoorden en zijn karakteristieke melodiek met veel zuchtmotieven. Dankzij Andriessens vaste orkest, het ensemble Asko|Schönberg, en zijn lijfdirigent Reinbert de Leeuw staat dit alles als een huis.' Frits van der Waa
Trouw
★★★★☆
'Een ijzersterkte partituur die vernuftig in elkaar zit, een prima libretto, een flitsend decor, een kleurrijke enscenering, een enthousiast publiek. Theatre of the World, zaterdagavond tijdens het Holland Festival te water gelaten, zou zomaar eens Louis Andriessens beste opera kunnen zijn. Zelf noemt hij het een 'groteske in negen scènes' en die vlag dekt de lading volledig.' Peter van der Lint
NRC Handelsblad
★★★★☆
'Andriessen bouwt aan filmische climaxen maar zoomt ook in op fraaie texturen. Als een muzikale Kircher vervlecht hij Renaissance-koper met Stravinsky en minimal music. Een pastoraal duet tussen Romeo en Julia (koortsdroom van Kirchers onvervuld verlangen?) is ontroerend klein gecomponeerd: een kant van Andriessen die je veel méér wilt horen.' Floris Don
Het Parool
★★★★☆
'De zangers zijn zonder uitzondering geweldig, met sterrollen voor Leigh Melrose als een zeer ernstige Kircher, die weinig heeft van de speelsheid die hem toch ook moet hebben gekenmerkt, Lindsay Kesselman als het duivelse jongetje, Steven Van Watermeulen als de uitgever Janssonius en vooral, en als altijd, de formidabele tenor Marcel Beekman als Paus Innocentius XI, die van Andriessen hilarisch sullige melodieën in de mond gelegd krijgt.' Erik Voermans

Speellijst

De eerstvolgende drie speelbeurten van deze voorstelling:

Verwante artikelen

Tags

, , , , , , , , , , , , ,

  • Elders

    de Volkskrant
    ★★★★☆
    'Regisseur Pierre Audi, die in zijn meeste ensceneringen naar soberheid en evenwicht streeft, toont zich hier van zijn uitbundige kant. Dat klopt wel met de snelle afwisseling die muziek en verhaallijn kenmerkt, maar het maakt het toneelbeeld erg druk. (...) Andriessen weet zijn vermogen om de meest uiteenlopende jasjes aan te trekken in balans te brengen met de onvervreemdbare sound van zijn schroeiende akkoorden en zijn karakteristieke melodiek met veel zuchtmotieven. Dankzij Andriessens vaste orkest, het ensemble Asko|Schönberg, en zijn lijfdirigent Reinbert de Leeuw staat dit alles als een huis.' Frits van der Waa
    Trouw
    ★★★★☆
    'Een ijzersterkte partituur die vernuftig in elkaar zit, een prima libretto, een flitsend decor, een kleurrijke enscenering, een enthousiast publiek. Theatre of the World, zaterdagavond tijdens het Holland Festival te water gelaten, zou zomaar eens Louis Andriessens beste opera kunnen zijn. Zelf noemt hij het een 'groteske in negen scènes' en die vlag dekt de lading volledig.' Peter van der Lint
    NRC Handelsblad
    ★★★★☆
    'Andriessen bouwt aan filmische climaxen maar zoomt ook in op fraaie texturen. Als een muzikale Kircher vervlecht hij Renaissance-koper met Stravinsky en minimal music. Een pastoraal duet tussen Romeo en Julia (koortsdroom van Kirchers onvervuld verlangen?) is ontroerend klein gecomponeerd: een kant van Andriessen die je veel méér wilt horen.' Floris Don
    Het Parool
    ★★★★☆
    'De zangers zijn zonder uitzondering geweldig, met sterrollen voor Leigh Melrose als een zeer ernstige Kircher, die weinig heeft van de speelsheid die hem toch ook moet hebben gekenmerkt, Lindsay Kesselman als het duivelse jongetje, Steven Van Watermeulen als de uitgever Janssonius en vooral, en als altijd, de formidabele tenor Marcel Beekman als Paus Innocentius XI, die van Andriessen hilarisch sullige melodieën in de mond gelegd krijgt.' Erik Voermans