‘Energie, een verhaal en de waarheid’: dat zijn volgens de Indiase komediant Vir Das (40) de voorwaarden voor een stand-upcomedyshow. Met zijn The Loved Tour, die hij wereldwijd brengt, is hij hierin perfect geslaagd. Das is een beroemdheid; hij trad op in tal van Bollywood-films, in het prestigieuze Soho Theater in Londen en op het Edinburgh Fringe Festival. Om zich als method-actor te trainen, studeerde hij zes maanden aan het Kunsttheater Moskou (waar de erfenis van Stanislavski levend wordt gehouden) en trad hij op in acht toneelvoorstellingen. 

Met The Loved Tour brengt hij een optreden van uitzonderlijk hoog niveau. Hij is eenvoudig gekleed in het zwart en okergeel. Een microfoon op een standaard, meer heeft hij niet nodig. Al na de eerste minuut weet hij de Mary Dresselhuys zaal van het Amsterdamse DeLaMar Theater tot enthousiasme aan te vuren, en dat zal de hele avond onverminderd blijven.

Hij bouwt zijn show volmaakt op. Het begint met de stad waar hij graag komt, juist, Amsterdam. Zoals een echte toerist maakt hij een rondvaarttrip en bezoekt hij het Van Gogh Museum. Vooral de rondvaart moet het ontgelden, althans, de uitleg: ‘Daar zien we een huis met een blauwe deur, gebouwd in 1850.’ En Van Gogh was goed met selfies met bloemen, ‘en maar somber kijken’. Over Anne Frank volgt een provocerende grap. Das vermijdt de confrontatie met zijn publiek niet.

Meteen weet hij ook het overwegend Indiase publiek in zijn greep te krijgen, met enkele Indiase terzijdes voor de aanwezige  Indiase native speakers. Hij prijst de Indiase gewoonte om altijd te laat te komen. Al snel schakelt hij over op het echte onderwerp van de show: de liefde. Zijn liefdesperikelen als kleine jongen en later puber komen mooi en herkenbaar aan de orde. Uitvoerig beschrijft hij hoe hij als vijfjarig jongetje met een vijfjarig buurmeisje door zijn moeder in bad werd gedaan. Hij begon zich vragen te stellen: waarom heeft zij niet wat ik wel heb? Heeft ze dat thuisgelaten? Moeten we dan mijn penis niet samen delen? Juist als hij dat probeert, komt de vader van het meisje aangerend en grist ze hem mee. En dat, zoals Das met overtuiging vertelt, ‘terwijl je alleen als vijfjarige echte vriendschap kunt hebben’. Hij richt zich veelvuldig tot het publiek met vragen als: ‘Wie kent elkaar langer dan vijftien jaar?’ en ‘Wie korter dan zes maanden?’

Zijn verhaal over de Engelse buldog die hij als puppy meeneemt naar India is hartveroverend. Geen enkele vliegmaatschappij staat toe een huisdier zo jong  te vervoeren, maar Air India wel – met dank! Het is hilarisch hoe hij beschrijft hoe hij de puppy, die vanwege zijn domme uitstraling de naam Dr. Watson krijgt, meeneemt in het vliegtuig. Plots is het hondje roerloos. Wat is er gebeurd? De zaal is doodstil. Das rijgt het ene verhaal aan het andere, met vlijmscherpe inzet. Zo zegt hij over religie: ‘Ik houd niet van kerken, maar geloof wel in God.’ Dat is mooi, de zaal is geraakt. Meteen daaroverheen: ‘Ik houd niet van het aanbidden van heilige koeien, maar wel van McDonalds.’

Het is dankzij die razendsnelle wisseling van registers dat zijn show ongemeen boeiend blijft. De provocatie duurt nooit lang, het cynisme is nooit snoeihard en aldoor keert hij terug bij de liefde. Zijn vrouw, die zijn jeugdliefde is, speelt een beslissende rol: zij is de continue factor in zijn leven, ook al is hij als filmster en wereldwijd reizend komediant nooit thuis. Maar wie weet is dat dan wel weer het geheim van de liefde dat de onderliggende thematiek is van deze prachtige performance.