De Gemeenschap
Stand up, lie down
★★★★☆
Hilarische explosies van slim comedy-geweld
Elisabeth Oosterling
18 december 2014
Gezien op 17 december 2014, Frascati, Amsterdam

Een paar homo’s staan in het felle tl-licht. Dat klinkt als het begin van een grap, maar is het toneelbeeld van Stand up, lie down door De Gemeenschap. Vijf homo’s treden in de voorstelling op als beginnend stand-up comedian. Roy Peters is spreekstalmeester. René Geerlings, Floyd Koster, Esther Snelder en Willemijn Zevenhuijzen stand-uppen. Allemaal hebben ze zo hun redenen om daar te staan, in dat felle tl-licht. Allemaal zijn ze wel een beetje boos op de wereld – of in sommige gevallen zelfs ronduit furieus. Het lijkt bijna therapie, die stand-up comedy.

Voor wie niet zo bekend is met het genre: stand-up comedy is ontstaan in Amerika. Daarom past deze vorm van performen ook zo goed bij de American Dream. Heb je voor een theatervoorstelling een hele rits artistieke medewerkers nodig; bij stand-up krabbel je wat grappen op een bierviltje, beklim je het podium en voor je het weet, tap je moppen voor een miljoenenpubliek. Vraag maar aan Louis C.K.

Stand-up comedians zijn dus solisten pur sang, maar daar verzet Willemijn zich hevig tegen in de voorstelling. Zodra zij de microfoon in handen krijgt, zegt ze af te willen van al dat navelstaarderige ge-ik. Om meteen allerlei anekdotes uit haar jeugd op te rakelen. Zo gaat dat met alle comedians in Stand up, lie down. Allemaal ontkrachten ze hun eigen woorden in hun acts. Floyd bijvoorbeeld, de vrolijk fladderende jongen in het gebloemde shirt, gooit er heel wat racistische praat uit in zijn de-wereld-is-zo-mooi-monologen. Roy ziet er misschien opgeruimd uit, maar vertelt met een glimlach de heftigste verhalen. En Esther schreeuwt en stampt woedend een monoloog over liefde en genegenheid.

In een decor dat bestaat uit een paar barkrukken, een statafel en wat glazen water – de standaarduitrusting van een comedian – knallen de overdreven personages je tegemoet met vet aangezette maniertjes en kleurige outfits (door Marrit van der Burgt). Regisseur Roy Peters laat de personages exploderen in zowel woord als beeld. De tekst van Rob de Graaf stikt van de mooie zinnen, maar is ook kritisch en hilarisch. Zo is de laatste uitbarsting van Willemijn een scheldkanonnade die haar weerga niet kent: door Zevenhuijzens briljante mimiek zo hilarisch uitgevoerd, dat je bijna niet hoort hoe knap die tekst eigenlijk in elkaar zit.

Foto: Bowie Verschuuren

Elders

de Volkskrant
★★★★☆

'De taal van De Graaf is als altijd poëtisch met rauwe randen, licht barok en toch helder. Het woord is hier het wapen van de machtelozen. Soms wordt er even niet gesproken en ook dat is veelzeggend, zoals het moment waarop de discolampen weliswaar flitsen maar er geen muziek te horen is. De verbeelding van de onmacht.' Hein Janssen

Trouw
★★★☆☆
'De voorstelling raakt niet. Het blijft hangen in het grappige. Regisseur Roy Peters, hier tevens presentator, heeft wel een aardige vorm bedacht met wat dansjes tussendoor, maar is aan een dieper gravende spelregie niet toe gekomen.' Hanny Alkema