Van een afstand lijkt het een onooglijk gebouwtje, maar als je dichterbij komt, spreekt net iets te veel liefde en aandacht uit het gegoten beton en de staalplaten achterdeur. Het oplichtende apothekerskruis van de vierkante unit kleurt niet groen, maar wit. (meer…)
In onze kindertijd kijken we vol verwachting naar de toekomst als naar een theaterdoek dat niet snel genoeg kan opgaan. Laat het beginnen, dat leven, waartoe we, als waren we kleine criminelen, veroordeeld zijn. Met deze omineuze prelude leidt Veronika Abdul-Visocka, nieuwe maker bij Frascati Producties, haar publiek binnen in She was born for happiness. De hoopvolle titel ten spijt, een weliswaar duistere, maar o zo intrigerende en slimme voorstelling.
Abdul-Visocka, afgestudeerd aan DAS Theatre en in 1997 geboren in Letland, is samen met de Zweedse Patsy Lassbo (hen verzorgt licht, muziek én dramaturgie) van meet af aan aanwezig op de speelvloer. Twee enigmatische, elegante verschijningen, hooggehakt, van wie eerstgenoemde de voorstelling opent. Al snel zullen ze plaatsnemen achter de regietafel en de vloer laten aan actrice Florence Minder.
Minder, een rijzige gedaante in een hooggesloten, kuise outfit, beweegt zich rond een lange tafel met een zwart tafelkleed. Ze vertelt over jonge vrouwen, steevast aangeduid in de derde persoon: she, zij. Vrouwen die lijden aan het leven en zichzelf pijnigen om de pijn voor even op een andere manier te voelen, en te controleren. De vorm waarin die verhalen tot ons komen is bijzonder fraai; verpakt in droomachtig videobeeld (Kristian Møller-Munar), ongrijpbare composities, verteld met sprookjesachtige details; aangekondigd als fictie, en toch met een zeer levensechte kern.
Bij ieder relaas dekt Minder de tafel anders in, met servies van wit porselein. Porselein is een terugkerend klein motief in de verhalen, iets waaraan mensen kennelijk een soort waarde toekennen die voor de hoofdpersonen evenwel lijkt te staan voor burgerlijke nepgezelligheid die hun omgeving alleen nog maar verder van hen vervreemdt. Die een opgewekt geluk suggereert die het leven op een bepaalde manier alleen nog maar angstaanjagender maakt dan het al was.
De video’s tonen interieurs, serviezen; de buitenkant van een Sovjet-flat in een stad aan de Kaspische zee, en, weer heel ergens anders, een venster met plattelandszicht. Omgevingen waarin ‘zij’ niet gedijt, het meisje dat het liefst tv kijkt, marshmallows en marmelade eet en na het zien van een documentaire over huidkanker al haar moedervlekken lekprikt. De jonge vrouw die zich liever van zevenhoog naar beneden stort dan nog langer te moeten aanhoren hoe anderen haar proberen een huwelijk op te dringen. Het meisje dat letterlijk alleen maar wandelingen maakt langs de huizen in het dorp totdat er niks meer van haar over is. She.
Behalve een groen aangelichte en slecht verstaanbare episode over aliens, komen de verhalen van de naamlozen die de hypocrisie van de happiness niet verdragen, behoorlijk binnen. Niet met een grote klap; de duivel zit ‘m in de zorgvuldig opeengestapelde details die aangeven waarom het thuis geen beschutting biedt voor alle gruwelen van geweld, wreedheid en ziekte die de dagelijkse werkelijkheid vormen. In een zoektocht naar wat dat dan wel zou kunnen zijn, eindigt Abdul-Visocka voorzichtig met een sprankje hoop daar waar ze She was born for happiness ook begon: in het theater.
Foto’s: Peteris Viksna














