Eind april 2023, Rachel Goudsmit is in Israël op familiebezoek en loopt daar samen met haar ouders onder meer mee met een demonstratie tegen Netanyahu, die dan een ondemocratische wet wil aannemen waarmee de macht van het Hooggerechtshof wordt ingeperkt. Tijdens een rit van Tel Aviv naar Jeruzalem raakt ze in gesprek met de taxichauffeur. Het gaat eerst over Shakshuka, het eiergerecht uit het Midden-Oosten, maar loopt over in een discussie over zijn steun voor Netanyahu, die volgens hem het land beter maakt. Rachel is van mening dat het land nooit beter kan worden als je de democratische waarden niet respecteert. Uiteindelijk nemen ze afscheid met de woorden: ‘let’s agree to disagree’.

De ontmoeting vormt de proloog van Shakshuka: no onions, een nieuwe theatertekst van Judith Schrijver die ze samen met acteur Eelco Smits voorleest op Theater Na de Dam. Haar personage Rachel schreef over het gesprek met de taxichauffeur een artikel, dat nu een jaar later weer op tafel komt. Ze zit samen met haar eindredacteur en tevens goede vriend Michiel van Schaik (Smits) op de vrijmiddagmiddagborrel in zijn kantoor op de redactie. Na een paar drankjes komt het gesprek op het artikel van Rachel. Ze wil weten waarom Michiel dat niet heeft gepubliceerd. Dat is het begin van een heftige, maar openhartige discussie over steun aan Gaza, Israël, de holocaust, trauma, identiteit en vriendschap.

Smits weet al lezend de balans tussen ernstig en luchtig, scherp en empathisch perfect neer te zetten, en brengt Michiel tot leven als unapologetic voorstander voor de strijd van de Palestijnen, al is hij misschien wel minder ontvankelijk geweest voor de pijn van Rachel. Schrijver lijkt het wat moeilijker te hebben, in het begin zijn de zenuwen duidelijk zichtbaar. Of dat gespeeld is weet ik niet, maar het sluit naadloos aan bij Rachels spanning om het gesprek aan te gaan.

De opzet en het decor zijn simpel: een verhoogd podium met een tafel, waarop een paar flessen frisdrank en kopjes staan, en daarachter twee stoelen. Alle aandacht gaat naar de tekstlezing.

Die tekst slaagt er in om complexe posities invoelbaar te maken. Zoals Rachels neurotische angst voor herhaling van de geschiedenis, ‘een soort cellenpijn uit een leven dat ik zelf niet eens heb geleefd’, die bots met Michiels verontwaardiging over haar stilzwijgen over Palestijns leed. De tekst onderzoekt de rekbaarheid van de ruimte in menselijke relaties wanneer je lijnrecht tegenover elkaar lijkt te staan, en kiest hierbij expliciet voor ongemak in plaats van behapbare dialogen. De vriendschap tussen de twee personages maakt het mogelijk om te blijven praten, zelfs als de pijn oploopt. Shakshuka: no onion laat zien hoe vriendschap niet de tegenstelling overstijgt, maar haar verdraagt.

Schrijver benadert thema’s als identiteit, veiligheid en morele verantwoordelijkheid met een unieke diepgang, mede door haar Joodse achtergrond. Haar kracht schuilt in het erkennen van Palestijns leed zonder haar eigen geschiedenis te bagatelliseren. Die spanning tussen eigen identiteit en empathie toont de moed om eigen pijn te dragen en die van anderen te zien.

De impact van de tekst was op 4 mei voelbaar in het publiek. Waar ik vooral de spanning voelde, leken andere toeschouwers ook ontvankelijk voor luchtige momenten. Als kijker die zich zonder voorbehoud solidair voelt met Palestina, ervoer ik regelmatig ongemak. Zo zat ik op het puntje van mijn stoel tijdens Rachels pleidooi voor het bestaansrecht van een Staat die, in haar zoektocht naar veiligheid, verantwoordelijk is voor de systematische onderdrukking, verdrijving en doden van een ander volk. Hoe kun je spreken van een veilig thuis als dat ten koste gaat van het thuis van een ander? Voor mij is wat Israël nu doet onverenigbaar met mensenrechten of rechtvaardigheid.

Toch zag ik ook de angst die onder Rachels woorden lag, als ze zegt ‘ik was gewoon de hele tijd bang, ook om de magen David zelf te dragen. Sinds 7 oktober heb ik ‘m hier, in m’n knuist.’ En hoe haar angst nergens veilig te zijn wordt versterkt als Michiel na 7 oktober niet vraagt hoe het voor haar is. ‘Ik ging toch al mijn vrienden langs in mijn hoofd. Kan ik jou eigenlijk wel vertrouwen, als puntje weer bij het paaltje zou komen?’

Die diepe behoefte om ergens niet de ander te zijn, niet voortdurend bevraagd te worden op je bestaan of je loyaliteit. Dat herken ik ook als moslim in Nederland. Ook ik weet hoe het voelt om gezien te worden als vertegenwoordiger van het een collectief, om ergens binnen te komen met een naam en religieuze overtuiging die eerst geïnterpreteerd wordt als risico, niet als mens. Dat raakt mij in Rachels verhaal. Maar dat maakt haar zwijgen over Gaza, of het weglopen van woorden als genocide, niet minder pijnlijk. Wegkijken is geen neutraliteit. Ik denk dat menselijkheid begint door elkaars pijn serieus te nemen.

Shakshuka: no onions laat zien hoe moeilijk het is om pijn naast elkaar te laten bestaan, zonder er een meetlat onder te leggen. Hoe verhoudt de ene pijn zich tot de andere? Hoe voorkom je dat ‘nooit meer’ een loze belofte wordt, terwijl het geweld zich herhaalt, alleen met andere slachtoffers? Het stuk werpt die vragen op zonder ze af te vlakken. De voorstelling is geen afgewogen pleidooi, geen historisch overzicht, geen veilige ruimte. Het is een scherpe, eerlijke tekst over hoe politiek intiem wordt en hoe vriendschap niet altijd betekent dat je elkaar begrijpt, maar misschien wel dat je blijft luisteren.

Foto: Bart Grietens