| Op afstudeerfestival ENTER begeleidt Theaterkrant 11 nieuwe theaterwerkers bij hun eerste recensies. Deze recensie is geschreven door een van de deelnemers van het traject, Iris Tjoa. |
De 21ste eeuw bracht ons een digitale stortvloed, een nieuw online ecosysteem waarin collabs, clout en content de belangrijkste waarden van succes bleken. Maar is de druk die zo’n online presence met zich meebrengt wel houdbaar? En is die constante focus op identiteit wel gezond? Wie zijn we eigenlijk nog zonder? Bij het zien van Perfect Girl van Mevrouw Ogterop rijst de vraag: Is dan toch eindelijk het tijdperk aangebroken waarin wordt afgerekend met identiteitsfetisjisme en de bijbehorende influencer culture?
Lotte Dunselman speelt Anna, een influencer die uitsluitend lijkt te leven voor het perfecte narratief dat ze haar volgers kan voorschotelen. Op alle fronten is ze geslaagd. Althans, dat vindt ze zelf. Ze is geliefd, succesvol en financieel onafhankelijk, maar tegelijkertijd voortdurend op zoek naar een identiteit: een zielig verhaal, een bewonderenswaardige eigenschap, iets wat haar uniek maakt.

‘Inspirational’, ‘aspirational’ en ‘transformational’, dát wil ze zijn. Maar naarmate de sessie met haar ‘lifecoach’ (Wouter van Oord) vordert, worden haar fantasieën en waanbeelden alleen maar vreemder en schadelijker. Anna lijkt te verdrinken in het beeld dat de buitenwereld van haar heeft gevormd en dat ze zelf krampachtig in stand houdt.
De tekst van Jibbe Willems is fijnmazig, complex en veeleisend, maar vooral verrassend filosofisch. Willems bespreekt onwijs veel thema’s. Een lange opsomming: identiteit, subjectiviteit, vrije wil, de waarde van kunst, realiteit (en digitale metarealiteit), theatrale structuur, prestatiedruk, vrouwelijke angst, geweld tegen vrouwen, ziektebeelden, zelfpresentatie en maatschappelijke verzinsels als ‘influencers’ en ‘lifecoaches’. Alle aspecten van onze hedendaagse cultuur haalt hij genadeloos door de mangel.
Soms voelt het geheel als een brij waarin mooie ideeën verloren dreigen te gaan aan een veelvoud die we als toeschouwer niet altijd bijhouden, maar ook dat probleem lost Willems moeiteloos en op filosofische wijze voor ons op: als we Anna mogen geloven is niet al het materiaal dat je verzamelt bruikbaar. Uiteindelijk hangt het allemaal van perspectief af.

Dunselman (die niet alleen acteert, maar ook meewerkte aan het concept) en eindregisseur Mara van Vlijmen voegen tussen de compacte blokken tekst heerlijk bevreemdende intermezzi toe. Met yoga-choreografieën, schuimmachines, ongemakkelijke muziekcovers (Julia Dubbelboer) en parodistische branded content wordt influencer culture speels maar scherp bevraagd. Deze scènes zetten de tekst kracht en onze eigen realiteit absurditeit bij.
Dunselman presenteert Anna overtuigend en maakt haar herkenbaar en universeel, bijna als een poppetje, een soort barbie. Ook Van Oord levert een ijzersterke prestatie als cringy lifecoach: in kleine gezichtsuitdrukkingen en beweginkjes weet hij de absurditeit en triestigheid van zijn personage vast te leggen.
Kortom, de makers van Mevrouw Ogterop hebben het geheel kundig en trefzeker geënsceneerd, maar de nieuwe tekst van Willems is de echte ster. Met taalspelletjes die aan werk van grote absurdisten als Ionesco en Beckett doen denken en cyclische structuren en omkeringen die dat soort vergelijkingen verder legitimeren, zet hij zichzelf wederom op de kaart als een van Nederlands grootste en belangrijkste hedendaagse toneelschrijvers.

Het gaat hem dan ook om grote vragen: wie we zijn, hoe we onszelf vormgeven, welke rol maatschappelijke druk daarin speelt en hoe mensen, vooral vrouwen, een identiteit wordt opgelegd. De tekst is niet alleen filosofisch en absurdistisch, maar ook uitgesproken feministisch, anti-identitair en queer.
Wat begon als een witte, klinische ruimte, eindigt in een explosie van plastic ballen, confetti, schuim, sop, servetten en nepbloed. De façade van Perfect Girl Anna is ontmanteld en de toeschouwer blijft verbouwereerd achter.
Foto’s: Sanne Peper














