Eenzaamheid staat centraal in Only the Lonely, de nieuwe locatievoorstelling van Firma Mes en HNTjong. De kracht van de voorstelling zit hem in de variatie in vorm en perspectieven – én in de fenomenale vormgeving van Catharina Scholten en Iris Elströdt.

‘Je bent op de juiste plek’, zo verzekert de voice-over op de koptelefoon. We zijn zojuist ingecheckt bij het Lonely Hearts Hotel, een plek die schijnbaar is opgericht om mensen te helpen die zich eenzaam voelen. Na een korte podcast in een wachtruimte, waarin inwoners van Den Haag worden bevraagd over hoe zij zelf met eenzaamheid omgaan, ontmoeten we in de centrale ruimte het medewerkersteam van het hotel.

In prachtige koorzang zingen ze ons toe over hoe persoonlijke vrijheid en eenzaamheid in onze moderne samenleving hand in hand kunnen gaan: ‘You can do what you want / you can do what you want / you can do what you want / but you want to do it with somebody.’

In Only the lonely lopen we vervolgens in groepen door het monumentale gebouw, waarbij we steeds korte scènes tegenkomen. Daarbij blijkt het personeel van het hotel net zozeer met eenzaamheid te kampen als de gasten. Een schoonmaakster (Roos Eijmers) flirt met een van de toeschouwers en trakteert hem in een aparte ruimte op een sensuele dans, alvorens het met de beveiligingsbeambte aan te leggen. Een spirituele coach (Lisa van de Wiel) krijgt tijdens een mindfulness-sessie een slechtnieuwsbericht op haar telefoon, en zoekt vervolgens soelaas bij een AI om te vragen wat er helpt tegen depressie. En de rechterhand van de manager (Tessa Jonge Poerink) zingt op haar YouTube-kanaal treurige liedjes en probeert in het reine te komen met het ‘feit’ dat ze nu eenmaal niet zo’n bijzonder leven leidt.

De grote variatie aan scènes is een van de grootste kwaliteiten van de voorstelling. Naast de ontmoetingen met het personeel zijn er ook scènes die niet direct verbonden zijn met de realiteit van het hotel: een astronaut (Jard Struik) die in zijn eentje een ruimtestation bemant, of een man (ook Struik) die via een aanklacht tegen hoe we kamerplanten behandelen zijn eigen gevoelens van verlating en vereenzaming verwerkt.

De gidsen die per groep het tempo aangeven, geven je steeds net te vroeg de opdracht om door te lopen, zodat de scènes vaak halverwege lijken te worden onderbroken – waardoor het opgejaagde gevoel van een samenleving waarin we geen tijd hebben om echt naar elkaar te luisteren, wordt onderstreept.

Niet alle scènes zijn even sterk – een groot deel blijft bij de oppervlakte van de basispremisse, of is te direct in de communicatie van de ideeën. Degene die erbovenuit steken, zijn de scènes waarin wat meer theatrale abstractie of vervreemdender spel wordt toegelaten. Zo maakt Lindertje Mans de eenzaamheid van de hotelmanager voelbaar door harde schakels te maken tussen professionaliteit en persoonlijke kwetsbaarheid, en is een gezongen duet tussen twee eenzame zielen die voorzichtig toenadering tot elkaar zoeken een toonbeeld van subtiel spel. Een ander hoogtepunt is een indrukwekkend videowerk waarin een eenzame figuur in steeds wisselende omstandigheden een object met zich meesleept.

De mooiste scène speelt zich af in de keuken van het hotel, waar de kok ons over zijn jeugd in een Afrikaans land vertelt, in een familie waarin eenzaamheid niet bestond omdat je nooit alleen was. Met een indrukwekkende emotionele beheersing neemt Roy Kaneza ons mee naar een jeugd die door oorlog verscheurd en verdwenen is, en geeft hij door onwaarschijnlijk gedetailleerd spel inzicht in de complexe mix van rouw, trauma en liefde die dat met zich meebrengt.

Wat er tussen de scènes door is te zien, is in Only the Lonely echter net zo belangrijk. De vormgeving van Catharina Scholten is adembenemend: iedere individuele scène heeft een sterke eigen visuele identiteit en toch voelt het hotel als een geheel. Overal hangen doeken met afbeeldingen van bloemen, maar de rust daarvan wordt doorbroken door donkere bubbels, waardoor een bijna dystopisch geheel ontstaat – een prachtige vertaling van de spanning tussen echte zorg en de dehumaniserende kanten van ‘zorgmanagement’ die ook bij het personeel zichtbaar is.

En de details zijn ook meesterlijk: af en toe passeren we een gigantische kartonnen cut-out van de hotelmanager in een actiepose waar verder niets mee wordt gedaan. Dit soort ‘environmental storytelling’ zorgt voor een nog sterkere onderdompeling in dit vreemde universum.

Het kostuumontwerp van Iris Elströdt speelt minstens net zo’n belangrijke rol. Haar fantasierijke ontwerpen treffen ook de balans tussen werkkleding en de kwetsbaarheid van de mens eronder, met uitstapjes naar totale fantasie, zoals een kostuum dat volledig uit knuffels bestaat, of het feit dat de verlegen beveiligingsbeambte met een gigantisch konijnenhoofd zijn rondes doet.

Daarnaast worden de koorleden die bijdragen aan enkele liederen ook sterk als figuranten ingezet, waardoor je echt het gevoel krijgt dat het hotel een belangrijke werking heeft. Als de verzamelde hotelgasten plotseling gaan meezingen in een prachtige scène over walvissen, levert dat kippenvel op.

Het slotlied van de voorstelling is dan helaas weer net te sentimenteel. De meer expliciet hoopgevende elementen in Only the Lonely voelen misplaatst omdat de rest van de voorstelling er juist zo uitstekend in slaagt om de onverkwikkelijkheid van het thema eenzaamheid recht te doen.

Foto’s: Bas de Brouwer