Joost Oomen, schrijver, performer en drummer maar bovenal dichter, publiceerde in 2011 zijn eerste poëziebundel en de liefde voor het genre stroomt hem golvend door het bloed. Zijn passievolle podiumperformance doet denken aan die van Johnny van Doorn of Jules Deelder. (meer…)
We weten allemaal hoe een gewelddadige man het leven van een vrouw kan verwoesten. Maar wat gebeurt er met een kind als hij opgroeit met de agressie van zijn vader als voorbeeld, als hij ziet hoe die vader zijn vrouw telkens probeert te paaien om bij hem te blijven, en als zijn moeder zich maar niet los kan weken van de man die haar geen goed doet? Is dit nu liefde van Theater Rast onderzoekt familiedynamieken, soms op interessante en soms op minder geslaagde wijzen.
In de voorstelling volgen we Midas (Bob Ott) en zijn moeder (Ayşegül Karaca). Hij is negentien, is net op zichzelf gaan wonen en probeert zijn leven op te bouwen door veel te sporten, een bedrijf te starten (hij weet nog niet in wat) en een vriendin te vinden. En die vriendin, die zal sowieso minder ambitieus zijn dan hij, zo horen we hem tijdens een eerste date zeggen tegen een vrouw.
Nu denk je misschien: deze scène komt me bekend voor. Je hebt vast vorig jaar ook het fragment uit First Dates gezien waarin de twintigjarige Davey tegen zijn date Alanah zegt dat zij nooit zo veel ambitie zal hebben als hij en hij altijd meer zal verdienen dan zij. Hier zagen we de toxische manosfeer in actie, zo vonden veel verontwaardigde kijkers. Davey als verpersoonlijking van hoe sommige mannen er steeds vrouwonvriendelijkere denkbeelden op nahouden.
Schrijver Elly Scheele onderzoekt hoe een jonge man op dit punt geraakt, met de focus op de moeder-zoonrelatie – de vader blijft gedurende het hele stuk buiten beeld. In scènes uit het heden en verleden zien we de moeder worstelen met weggaan, met het afwijzen of aanvaarden van de excuses van haar (ex-)man, met angstig zijn omdat ze niet wil dat haar zoon als zijn vader eindigt. Dus verstikt ze Midas door de verwachtingen die ze van hem heeft en zet ze hem op subtiele wijzen onder druk, bijvoorbeeld door een kus te eisen als ze afscheid nemen.
Is dit nu liefde slaagt erin te tonen hoe tragisch het is dat zij haar zoon nooit echt ziet voor wie hij is. Misschien komt zijn boosheid vooral daaruit voort. Scènes uit zijn jeugd tonen Midas als een jengelend, vervelend kind dat aandacht wil van een moeder wier leven vooral wordt gedomineerd door haar man.
Jammer is dat er toch wat gelaagdheid mist in de personages. In de regie van Leopold Witte komen ze niet helemaal tot hun recht; Karaca speelt de moeder te veel als een nerveus, hulpeloos type dat telkens met een hoge, benepen stem praat en Ott blijft iets te ondoorgrondelijk. Doordat ze vaak op stoelen tegen de achterste wand gaan zitten, naast de twee muzikanten, en dan naar de huiskamersetting voor op het toneel stappen voor de volgende korte scène, voelt de voorstelling bovendien fragmentarisch aan.
De muziek (compositie: Selim Doğru) is ook best vaak een misser. Dat ligt niet aan muzikanten Emre Varlik en Tobias Klein die met onder andere hun saz en basklarinet een fijne sfeer toevoegen aan de woelige gebeurtenissen. Wel voelt het vreemd dat zij af en toe worden begeleid door muziek op band; de piano die door de speakers klinkt, onttovert de live bijdrages.
Dan zijn er nog de door Karaca en Ott gezongen nummers die een wat ongemakkelijk gevoel veroorzaken. Deze liedjes zijn net musicalnummers waarin ze de emoties rechttoe-rechtaan overbrengen met veel sentiment (‘Leer me hoe ik los kan laten’). Die stijlbreuk met de rest van de dramatischere voorstelling doet het geheel geen goed, ook omdat de kwaliteit van de zang niet overdonderend is.
Is dit nu liefde kent zeker ook mooie momenten in de regie en het spel. Een afwasbeurt waarbij de borden iets te hard worden aangepakt, het met de stoelen naar elkaar toe schuiven van twee mensen op date, en Midas’ uitbarsting aan het eind, waarin hij wild met spullen smijt en vervolgens uitspreekt wat hem het meest van alles kwelt: ‘Ik ben bang voor mezelf.’
Foto’s: Nichon Glerum















“Deze liedjes zijn net musicalnummers waarin ze de emoties rechttoe-rechtaan overbrengen met veel sentiment.”
Oef, daar heeft de recensent wel even in één zin het volledige musicalgenre zo plat als een dubbeltje geslagen. Alsof er niet een ongelofelijke diversiteit is binnen het musicalgenre in mate van sentiment, nuance, pathetiek, directheid, omfloerstheid, poëzie en gelaagdheid van gezongen nummers. Ik dacht dat we dit soort stigma’s in professionele sferen inmiddels al wel een jaar of tien achter ons hadden gelaten.
Hee Marco, dank voor je reactie. Met die zin bedoelde ik dat in dit geval de nummers op deze manier ingezet worden, niet dat dat altijd voor musical geldt. Ik ben het met je eens dat er een grote diversiteit is binnen het musicalgenre.