Kaori Ito / Compagnie Himé
I Dance Because I Do Not Trust Words
★★★★☆
Ontroerende dialoog tussen vader en dochter
Moos van den Broek
9 juli 2017
Gezien op 15 juli 2017, Julidans, Melkweg, Amsterdam

In Japan is het tonen van emoties geen vanzelfsprekendheid. Choreograaf Kaori Ito onderzoekt de relatie met haar vader en ontdekt een andere kant van hem. I Dance Because I Do Not Trust Words is een ontwapenend duet, waarin Ito het publiek meeneemt in haar hyperpersoonlijke zoektocht, die ook de verschillen tussen culturen blootlegt.

Lang leefde Kaori Ito in New York waar ze zich schoolde als danseres. Later verhuisde ze naar Europa waar ze danste in werk van Alain Platel, Sidi Larbi Cherkaoui en Angelin Preljocaj. Onder de vlag van Compagnie Himé creëert ze haar eigen werk en samen met de Franse choreograaf Aurélien Bory ontwikkelde ze de solo Plexus, die twee jaar geleden te zien was tijdens Julidans. I Dance Because I Do Not Trust Words geeft een beeld van de relatie met haar vader, die voor deze gelegenheid ook meedanst. In zichzelf gekeerd en bijna onbeweeglijk zit hij op een stoel aan de zijkant van het toneel, terwijl Ito met haar rug naar het publiek beweegt en we haar stem horen via een geluidsband. Een lege stoel met microfoon symboliseert het onmogelijke gesprek tussen de twee.

Waarom ben ik zo snel verveeld? Waarom zijn we zo bang iets te verliezen? Waarom zeggen Japanners altijd sorry? Waarom worden de daklozen ingezet in de schoonmaak van de centrale in Fukoshima? Ito somt een eindeloze reeks vragen op. Het zijn politieke vragen, levensvragen, naïeve banaliteiten en vragen die ons informeren over haar verleden, haar opvoeding en de relatie met haar vader. Zo komen we in korte tijd eigenlijk heel veel te weten. Dan draait ze zich naar haar publiek en transformeert ze tot een kind, door een masker op te zetten en als een baby op haar rug te spelen met haar ledematen. Een wonderschone scène, die verwijst naar de Japanse Kabuki stijl.

Terwijl Ito haar vragenreeks hervat, komt de vader uiteindelijk in beweging. Ito’s vragen zijn nu gerichter aan hem en we zien hem onhandig, kwetsbaar bewegen. Dat zou illustratief kunnen zijn, maar Ito heeft haar voorstelling genoeg vorm en structuur meegegeven om de anekdote te ontlopen. Geïsoleerd van elkaar staan de twee op het toneel, de ongemakkelijke afstand schept ruimte voor de poëzie en zo ontvouwt zich een gelaagd en herkenbaar verhaal tussen een vader en een dochter.

Ongemakkelijk is ook de afzichtelijke sculptuur waarvoor is gekozen. Ito komt uit een kunstenaarsnest, het object verwijst naar Hiroshi Ito’s beroep. Het merkwaardige levensgrote object, ingepakt met zwart doek, is bijna letterlijk een obstakel tussen de twee als het gaandeweg de voorstelling een prominentere plek krijgt in de ruimte. Uiteindelijk wordt het onthuld. Niet dat dit zo sensationeel is overigens, maar dat is in lijn met het gestuntel tussen de twee.

Ontroerend is het einde als alle stunteligheid wordt ingelost en de vader aan het woord is via de geluidsband. Zijn zwijgzaamheid blijkt diepe gronden te hebben. Zijn antwoorden op Ito’s vragen zijn gevuld met spiritualiteit en levenswijsheid. I Dance Because I Do Not Trust Words is een wonderschoon duet, in zijn eenvoud veelzeggend, niet alleen als het gaat om familierelaties maar ook als het gaat om cultuur.

Foto: Gregory Batardon

Elders

Het Parool
★★★★☆

'Woorden worden gewantrouwd in Japan. De vader hoort al haar vragen aan, maar zit doodstil op zijn stoel en antwoordt niet. De dochter, rasperformer en fabuleur beweger, gaat terug in de tijd. Ze zet het masker op, kruipt als een baby en vertelt zodra ze rechtop staat ocer haar eerste balletles. Zodra hij in beweging komt, blijkt hun verbondenheid: terwijl ze beiden hun ogen gesloten houden ontstaat een synchroon duet. Prachtig.' Jacq. Algra

NRC Handelsblad
'Tijdens week twee van het festival is het intieme I dance because I do not trust words een klein juweeltje: een ontroerend, fysieke portret van de verbondenheid en toenadering tussen de Japanse Kaori Ito en haar hoogbejaarde vader Hiroshi.' Francine van der Wiel