Het is geen latje, geen plankje, geen stok en geen plint. Nee, het kleine, bruine, net wat schuine ding in de gereedschapskist van Niek van der Horst en José Montoya is een houtje. En dat hoort niet in de werkplaats, maar in het bos, terug tussen de bomen.

In 2024 verrasten Van der Horst en regisseur Danielle Wagenaar van Het Ministerie van Onverrichter Zake al met Raketje. ‘Vintage jeugdtheater met een heerlijke knutselvibe’, zo omschreef Theaterkrant die voorstelling, over een reddingsexpeditie naar de maan. Nu maken ze wederom een kindervoorstelling voor de allerjongsten, Houtje, voor peuters en kleuters vanaf drie jaar. 

Net als toen staat Van der Horst weer in een prachtig decor, ditmaal met acteur José Montoya aan zijn zijde. Een soort grote, houten legpuzzel, daarop lijkt de muur van waarachter alle losse puzzelstukjes – zagen en vijlen, tangen, plamuurmessen, scharen en hamers – verschijnen. We zijn in een houtwerkplaats, waar het jonge publiek stapje voor stapje een nieuwe woordenschat verzamelt en Van der Horst en Montoya als een soort Buurman en Buurman van hot naar her huppelen: alles om hun krukje perfect te krijgen. 

Maar de prioriteiten veranderen wanneer ze een houtje vinden dat er niet uitziet als de rest van de spullen in de werkplaats. Dit houtje, dat snel ‘Houtje’ wordt gedoopt, is niet gladgeschuurd en afgewerkt, maar mooi ruw, met het schors nog aan de buitenkant. Het moet wel verdwaald zijn. 

Wat volgt is een reddingsmissie, net als die in Raketje, maar dan in omgekeerde volgorde, want Houtje moet niet bevrijd, maar juist terug naar zijn familie. En dus banjeren ze met z’n drieën door de regen, langs rivieren, door gewassen, langs bijen en andere beesten, onder de hete zon en door woeste wateren. Of tenminste, dat is wat we voor ons moeten zien, want in realiteit lopen de twee acteurs, met Houtje in hun broekzak, rondjes om een groot, wit kleed. 

Ondertussen genieten de kleuters in de zaal met volle teugen: van het schattige houtje, van het meedenken met de acteurs – ‘Houtje moet terug naar de bomen!’ – en van het vriendschappelijk gemorrel tussen Van der Horst en Montoya, die er alles aan doen om Houtje veilig bij zijn familie te krijgen, maar soms zelf ook wel wat verbroedering kunnen gebruiken. Het zal herkenbaar zijn, de manier waarop ze dollen: een beetje zoals de kleintjes zelf ook samenspelen met broertjes, zusjes, klasgenoten en vriendjes.

Voor de volwassenen in de zaal wordt ondertussen duidelijk: dít is waarom mijn kind laatst urenlang zoet was met het blaadje of steentje dat het op de grond vond. Alsof ze zo de hersenen van een peuter zijn ingekropen, zo bouwen de makers van het Ministerie van Onverrichter Zaken hele werelden en avonturen met maar een paar objecten, wat geluidjes en hun stem. Zo tonen ze zich meesters in het blootleggen én aanwakkeren van de creativiteit, speelsheid en verbeeldingskracht van de allerjongsten. Niets dan abstractie, een hele hoop fantasie, en een klein Houtje hebben ze ervoor nodig. 

Foto’s: Moon Saris