In het stand-upperige Fer is on a deadline vertelt Fernando Rodil over zijn ongeneeslijke ziekte, een pijnlijke break-up en de dood van een vriend.

‘Fernando Fernando Fernando Rodiiiiiil / Fernando Fernando Rodiiiiiil!’ Performer Fernando Rodil (maar wij mogen hem Fer noemen) gaat het publiek voor in een lied waarvan de tekst uitsluitend uit die twee woorden bestaat. Hij maakt zich namelijk zorgen over dat hij vergeten zal worden – en wat is een betere remedie dan zijn eigen naam van de tribune laten schallen?

Op het moment dat we aan het zingen zijn, weten we eigenlijk nog niet waarom het voor Rodil zo belangrijk is of hij herinnerd zal worden. Hij heeft tot dan toe een stand-upperig verhaal gehouden over deadlines, waarvan je op dat moment de relevantie nog niet zo goed begrijpt. Maar vlak na de song volgt de inlossing: Rodil heeft twee jaar geleden te horen gekregen dat hij een ongeneeslijke vorm van kanker heeft, waardoor zijn levensverwachting twintig jaar lager ligt dan die van de gemiddelde wereldburger. Zijn obsessie met tijd en nalatenschap kent haar oorsprong dus in zijn plotselinge confrontatie met zijn eigen sterfelijkheid.

Rodil laat in Fer is on a deadline grofweg drie verhaallijnen samenvloeien: zijn kankerdiagnose, het feit dat hij vlak ervoor een goede vriend aan de ziekte verloor, en hoe zijn relatie in dezelfde periode op de klippen liep. Hij doet dat met opgewekte toon en gelardeerd met veel grapjes, waardoor op de beste momenten de tragiek steeds net onder de oppervlakte sluimert. Hoe harder Rodil werkt om de pijn op afstand te houden, hoe harder die eigenlijk binnenkomt.

Het is juist wanneer hij zijn emoties de vrije loop laat dat de voorstelling aan kracht inboet. Vooral ten opzichte van zijn ex-vriendin lijdt de podiumpersona van Rodil aan nogal toxisch zelfmedelijden. Zonder dat we haar kant van de zaak horen portretteert hij haar als iemand die hem keihard in de steek heeft gelaten, en hengelt hij daarin opzichtig naar het medeleven van het publiek.

Naar het einde toe verliest Rodil zich voluit in kitscherig sentiment: met een spotlight op zich gericht perst hij er frontaal voor het publiek een paar tranen uit, zonder dat er fatsoenlijk naar die emotionele crescendo is toegewerkt. Het moge duidelijk zijn dat Rodil enig zelfbeklag niet kan worden verweten gezien alles wat hij heeft meegemaakt; zijn artistieke keuze om die emotie ook op het podium zo de overhand te laten nemen ondermijnt echter de potentiële complexiteit van zijn stuk.

De ode aan zijn overleden vriend werkt een stuk beter. Het verhaal over hun vriendschap vloeit uiteindelijk samen met de lijn over deadlines en uitstelgedrag die in de voorstelling verweven zit, in een ontroerende anekdote over een tatoeage die Rodil ter ere van zijn vriend heeft laten zetten.

Rodil is een charmante verteller, en Fer is on a deadline is bij vlagen een sterke performance over iemand die leert om zijn eigen gebrek aan controle over het leven te omarmen. De shortcuts die de maker neemt om sympathie bij zijn publiek op te wekken werkten bij deze kijker echter averechts.

Foto’s: Alborz Sahebdivani