‘Vandaag is het zo ver, vandaag gaan we door Het Gat!’ Weinig volwassenen zullen het meteen snappen, maar vrijwel iedere zesjarige weet het meteen: dat betekent zwemles! Duiken, onder water zwemmen, je door een gat in een hangend doek wurmen en daarna pas weer bovenkomen. Maar dan moet je dan wel eerst durven.

Duik is een muzikale beeldende voorstelling over iets doen wat je eigenlijk niet durft. Jeugdtheatergezelschap Jansen&deBoer heeft het zwembad gekozen als de ideale locatie voor verschillende personages om hun angsten onder ogen te zien en uiteindelijk te overwinnen. Door een even efficiënt als verrassend decor (Lidwien van Kempen) bewegen zij zich zwemmend, duikend, drijvend en bibberend.

Bibberend zoals de oude man die vandaag eindelijk, na zo veel jaren niet durven, eindelijk het zwembad in wil gaan duiken. Soms zelfs huilend, zoals het kleine gevoelige jongetje met de nogal botte moeder, dat echt niet door het gat durft. De vier spelers wisselen in een verbluffend tempo van kostuums en poppen om al die verhaallijnen uit te werken en creëren zo een luchtige, dynamische theaterwerkelijkheid met een boodschap.

Jansen&deBoer maakt muzikaal poppentheater voor een breed, jong publiek. De poppen zijn van de hand van Noralie Jansen en zij manipuleert ook de meest complexe poppen, zoals de oude man. Die bestaat uit vriendelijk gerimpeld los hoofd (een zogenaamde bekpop) met een los lichaam dat aan haar arm hangt. Eén arm van de pop zit aan haar pols vast en zijn voeten (aan dunne spillebeentjes) kan ze als instapslippers aantrekken, waardoor ze het hele lichaam van de oude man kan laten bewegen. De manier waarop ze hem manipuleert is secuur, aandoenlijk en prikkelt de verbeelding van de toeschouwer.

Samen met kompaan Willeke de Boer en gastspelers Levi Middendorp en Remco Sietsema brengt ze nog een reeks personages tot leven, van kinderen (grappige bekpoppen zonder onderlijf) tot grote en kleine vissen en opblaasbeesten, en van synchroonzwemmers tot een verliefde badmeester en badjuf.

De scènes zijn afwisselend realistisch en dromerig en wisselen elkaar in vlot tempo af. De behoorlijk complexe de choreografieën en meerstemmige zang, geregisseerd door Talla Dirkzwager en gecomponeerd door Jan Paul de Bondt, zijn soms verbazingwekkend strak voor zo’n relatief ‘kleine’ voorstelling.

Alle seinen op groen dus voor een super onderhoudende theaterervaring, en dat is Duik tot op zekere hoogte ook echt. Jammer is alleen dat de personages het thema ‘durven’ allemaal op een vergelijkbare manier doorleven: van iets echt helemaal niet durven, naar wel willen, twijfelen, toch je angst overwinnen en dan uiteindelijk de catharsis ervaren. Hierdoor wordt de voorstelling ondanks de verrassende muziek, leuke personages en spannende beeldtaal te voorspelbaar, moralistisch en uiteindelijk zelfs wat langdradig.

Foto’s: Erik Franssen