‘Moet ik hier dan ook álles zelf doen?!’, roept de zwaarlijvige moeder van Donnie, Eppie en hun ‘zussie’ vanuit haar luie leunstoel. De muziektheatervoorstelling Wat vreet er aan Donnie Druif gaat over armoede in een eenoudergezin. (meer…)
‘Donnie denkt niet, Donnie doet’, zegt zijn mattie Appie. En dan gaat het vooral om de dingen die de meeste mensen juist niet doen. DONNIE is een snelle hiphop-opera met perfect getimede rapteksten, waarvan Mozarts Don Giovanni stijl achterover zou slaan. Vijftien jonge spelers en drie ervaren muzikanten situeren een geheel nieuwe versie van het verhaal in een klaslokaal.
Op het toneel zien we de tafels en stoelen van een middelbare school en klasgenoten die, zoals op een kostschool, keurige stropdassen dragen. Maar al snel speelt, danst en rapt deze klas als een geoliede machine. Met links op het podium de liveband op viool, drums en percussie. Hoofdpersoon Donnie beweegt zich snel en lenig tussen iedereen door en is duidelijk de leider van de groep. Een snel patsertje dat de meiden in de klas geroutineerd om zijn vinger windt. Alleen bij de nieuweling Selina – ‘wie-the-fuck-is-thát-in-the-classroom?!’ – lukt hem dat niet.
De jonge acteurs tussen de 14 en 25 jaar hebben een sterk gevoel voor ritme en timing en zijn professioneel op elkaar ingespeeld. De rapteksten zijn een Nederlands-Engelse mix doorspekt met aanstekelijke jongerentaal. ‘Dat is cool, mamacita’, zegt Donnie. De composities zijn geïnspireerd door de oorspronkelijke opera, maar Mozarts muziek klinkt meer als een verre echo. De muzikanten – Hendrik Behnen op toetsen, Dimairon Catal op drums en Annelieke Marselj op viool – combineren alle mogelijke stijlen, van pop, hiphop en opera tot Zuid-Amerikaanse klanken. Ook versterken ze met grillige geluidseffecten het spel van de acteurs.
Het lijkt een lekker losse en lawaaierige adhd-sfeer van door elkaar heen pratende, springende en stuiterende scholieren. Maar het systeem in deze klas is hermetisch gesloten, dat zie en hoor je terug in hun strak-in-het-gelid getimede rapteksten en choreografieën. In het begin weet nieuweling Selina zich hier nog aan te onttrekken. Zij vertelt rustig wat ze overal van vindt en zingt swingende liedjes over de enchiladas in haar moeders keuken. Maar al snel merkt ze wat er gebeurt als je niet meegaat in de hiërarchie binnen de klas. En vooral, als je Donnie afwijst.
De voorstelling kent weinig stiltes en rustmomenten, maar toch overschreeuwt de vorm de inhoud niet. Schrijver Roziena Salihu weet eigentijdse thema’s over het leven van jongeren indringend uit te lichten. Hoe ga je om met groepsdruk? Of met machtsvertoon en grensoverschrijdend gedrag? En, hoe leef je tegelijkertijd in een online- en offlinewereld? Tussendoor is er ook nog biologieles, een wetenschapsquiz en een discussie over gentrificatie in de klas.
Het sleutelmoment in het verhaal speelt zich als een film, steeds opnieuw, af in het hoofd van Donnies zachtaardige tegenspeler Appie. Dit heen- en weer gaan in de tijd zien we op het toneel gebeuren en krijgt een mooie vertaling in schrille scratchklanken van de muzikanten. Had hij het maar anders aangepakt, slimmer of moediger, denkt Appie. Ja, wat doe je als je dingen ziet gebeuren, waarvan je zeker weet dat ze fout zijn? Salihu heeft die vraag op een intelligente manier in het script verweven. We zien als publiek het verhaal eerst goed aflopen: de klas staat op tegen Donnie – die fake-naaktfoto’s van Selina heeft gepost. Maar daarna zien we wat er écht is gebeurd in de groep. Niemand hielp haar, en Selina’s stoel in de klas is leeg.
Niet voor niets kreeg deze coproductie tussen Het Poldertheater en De Nationale Opera een Zilveren Krekel voor meest indrukwekkende jeugdtheaterproductie en een plek in het Nederlands Theater Festival. DONNIE laat je ervaren hoe angstig het kan zijn om je mond open te doen en hoe schuldig je je voelt als je hebt gezwegen en toegekeken.
Foto’s: Beyond Borders Productions














