Op zolder voelt Fief zich het fijnst. Daar kan ze haar fantasie de vrije loop laten en nieuwe werelden bedenken met alle spullen die ze er vindt. Niemand zegt er bovendien dat ze gek doet, te snel praat of stil moet zitten. Rare snuitert houdt een vriendelijk pleidooi voor het omarmen van jezelf, juist als je je anders voelt dan de mensen om je heen. (meer…)
Marc-Uwe Kling en Astrid Henn hebben een uitgesproken, en zeer toe te juichen voorliefde voor tegendraadse karakters die afwijken van de norm. De bestsellerreeks rondom de NEEhoorn staat er vol mee, en ook de hoofdpersoon in De kersthaas trekt graag zijn eigenzinnige plan. De zich naar de norm voegende volwassenen hebben het nakijken.
Vorig jaar werd De NEEhoorn zeer genietbaar in de theaters gebracht, in heerlijk-snedig muziektheater waar het chagrijn en het balorige (meta)commentaar vanaf spatte. Het recalcitrante prentenboek werd daarmee helemaal recht gedaan. Een verschil van dag en nacht met de theaterbewerking van De kersthaas, die deze winter op de planken staat, en ondanks het bronmateriaal in alles tomeloze braafheid ademt.
De voorstelling begint nochtans veelbelovend. Nadat ze hun Noordpoolbouwpakket als een IKEA-meubel hebben opgebouwd, leggen sopraan Nienke Nasserian en bariton Sam Eggehuizen in een gezongen scène uit dat we in een ‘heuse opera’ zijn beland. Als hun zoon (Joppe Klein) het toneel oploopt, blijkt dat echter niet zo evident: hij heeft niets met dat zingen, zegt hij.
Het is een sterke theatrale vertaling van de haast onoverbrugbare afstand die de zoon tot zijn ouders en hun museale tradities ervaart, en vice versa. Bovendien is het een leuke eerste kennismaking met opera voor het vierpluspubliek in de zaal – uitstekende bijvangst!

Helaas is er verder van een boeiende theatrale vertaling nauwelijks sprake. Het verhaal gaat over de coming of age van de zoon van de kerstman, van wie verwacht wordt later het werk van zijn vader over te nemen maar die eigenlijk hele andere aspiraties heeft. Hij loopt weg van huis, komt een scène later alweer terug, vindt zichzelf vervolgens terug bij het sterfbed van zijn vader en jaagt uiteindelijk alsnog zijn dromen achterna: hij verruilt de winter voor de lente en wordt paasman.
Het script van regisseur Mark Haayema voltrekt zich in drie kwartier aan plichtmatige rechttoe-rechtaan scènetjes, die soms onderbroken worden door weinig toevoegende momenten van publieksinteractie (‘weten jullie al wat je later worden wil?’, ‘kunnen jullie ook boos kijken?’) of een lied met suffige danspasjes.

Links op de speelvloer staat een mooi uitklapdecor (ontwerp: Rianne van Duin) dat zich als een enorm prentenboek op het toneel ontvouwt. Daarnaast staat een miniatuurversie van het decor met een camera erop gericht: de beelden worden op een groot scherm geprojecteerd, voorzien van de nodige speciale effects. Dat levert nu en dan mooie perspectiefverschuivingen op, die iets van dynamiek in de voorstelling aanbrengen.
Zo is De kersthaas al met al best nog wel een sympathieke voorstelling voor de feestdagenperiode (kerst, Pasen, wat dan ook), waar je vierplusser zich geen buil aan kan vallen. Dat is ook meteen het bezwaar: de makers hadden, in de geest van het bronmateriaal, wel meer risico mogen nemen.
Foto’s: Sander Mulkens












