Met Danserfgoed voor Dummies (6+) geeft jeugddans- en educatiemaker Lonneke van Leth zichzelf en haar drie dansers de onmogelijke missie om 26 dansstijlen in 50 minuten te vangen. Ze pakken het vrolijk aan en nemen de brede mondiale ontwikkelingen mee.

Er is in Den Haag denk ik bijna geen kind dat nooit een voorstelling, les of workshop van Van Leth heeft meegemaakt. Met haar gezelschap Lonneke van Leth Dans is zij een onvermoeibare kracht in het verspreiden van de wetenschap dat dans zien en dans doen enorm van betekenis is in de ontwikkeling van het jonge lichaam én de jonge geest.

Van Leths gezelschap maakt voorstellingen en verzorgt lessen en workshops in het primair, secundair en bijzonder onderwijs. Daarnaast runt ze een dans- en yogaschool. Ook de nieuwste voorstelling Danserfgoed voor Dummies draagt met aanstekelijke dans en een kort deeltje publieksparticipatie bij aan de missie om dans tot in de haarvaten van de jonge samenleving te brengen.

Riverdance uit Ierland, flamenco uit Spanje, Vogue uit New York; de Charleston, de Weense wals, de Sirtaki; een tutu en spitzen, beenwarmers en een zweetband om je hoofd. Dans als kunstvorm, dans als expressiemiddel, dans als ritueel. Het idee om het jonge publiek mee te nemen door de geschiedenis van de dans is superleuk omdat je veel kunt laten zien in een korte tijdsspanne. En tegelijk is het onmogelijk, omdat je veel moet laten zien in een korte tijdsspanne. Juist daarom is het een vrolijke poging waard. Uiteraard blijkt dan dat veel maar oppervlakkig kan worden aangestipt. Maar gaandeweg doet zich nog een probleem voor.

De drie dansers Camille Pidou, Reindert van Rijn en Viridi Hernandez stellen zichzelf voor terwijl ze hun schouders en rug strekken. De mens danst al vanaf het prille begin, zo wordt duidelijk als je tienduizenden jaren oude grottekeningen bekijkt. Met videobeelden van Vincent de Kooker en een tekst van Martijn de Rijk begint het hele verhaal daar, met rijen dansende mensfiguurtjes in okerrode verf op een grotwand.

De combinatie van filmpjes, videokunst, live dans en vertellen werkt. Van Leth en haar team beperken zich expres niet tot de doorontwikkeling van de hofdansen van Lodewijk de 14e via klassiek ballet naar hedendaagse dans. Ze weten en willen tonen dat dans veel meer is dan dat. De haka, de buikdans en kathak horen erbij. Ze zijn niet makkelijk onder de knie te krijgen, en het team heeft er daarom specialisten bijgehaald, zoals de klassiek Indiase danseres Indu Panday. Maar bij de verbeelding van dansen van het Afrikaanse continent overvalt me een heel ongemakkelijk gevoel. Een witte danser in een generiek ‘Afrikaans’ aandoend kostuum belichaamt deze dans.

De dansen die in deze scène worden samengevat botsten in de koloniale tijd op de dansen die de witte kolonisator meenam naar de plantages. Dankzij de rebelse manier waarop de tot slaaf gemaakten die witte dansen nadeden, ontstonden uiteindelijk tientallen populaire dansen. De invloed van het zwarte dansende lichaam op de dans die we vandaag kennen is daarmee enorm. En die kwam er ondanks eeuwen van uitbuiting en ontkenning van de waarde van de mens in dat lichaam.

De voorstelling legt het in de voice-over uit, en een diversiteit aan choreografen heeft aan het project meegewerkt, is te lezen op de flyer. Maar hoe kan ik die springende, kronkelende witte mens in zijn kleurige lap stof anders zien dan iemand die de plaats inneemt van die Afrikaanse dansers, en zo hun gezicht nóg een keer wegpoetst? Op zoveel scholen die deze voorstelling gaan zien zitten kinderen met voorouders op het Afrikaanse continent of uit andere voormalig gekoloniseerde gebieden. Zij zijn gebaat bij representatie, om zich gewaardeerd te voelen en zich een beeld van hun toekomst te kunnen vormen. Ze te laten kijken naar een witte man die hun voorouderlijke dans nadoet, geeft ze een heel ander signaal.

Foto’s: Vincent van Kooker