Misschien is het wel de aangrijpendste episode uit Vake Poes; of hoe God verdween van de Vlaamse theatermaker Lisaboa Houbrechts: de eerste scène uit de derde akte. Waarin de grootvader (vake) en de grootmoeder (moeke) elkaar met verwijten om de oren slaan, zo snoeihard en wreed, dat als je nog dacht dat (de idee van) een god ergens goed voor zou kunnen zijn – dat die gedachte op dat moment ter plekke verdwijnt. (meer…)
Wat is weg? Waar is iets als het weg is? Verhuisd, op avontuur of misschien wel op geheime missie? In Dag Poes, een jeugdvoorstelling vanaf 4 jaar van HNTjong, volgen we drie mensen die op zoek zijn naar een poes die weg is.
Het is een voor kinderen herkenbaar gegeven: iets dierbaars waarvan je niet weet waar het is, of het nu je poes is, een knuffel of je opa. Omdat ‘weg’ een eufemistisch woord is dat nogal tot de verbeelding spreekt, biedt het de kans om een theatrale wereld te scheppen waarin vrijwel alles mogelijk is. En dat is precies wat de makers van Dag Poes hebben gedaan: zelden zie je een voorstelling voor deze leeftijdsgroep die zo rijk is aan vorm en inhoud.
Het theatrale plezier, zorgvuldig geregisseerd door Noël Fischer, begint al bij binnenkomst met het inventieve en verrassende decor van Sacha Zwiers. Door middel van schuifpanelen wordt de illusie gewekt van een diep woud met uitzicht op een berg en een lieflijk Zwitsers alpendorpje. De vakwerkhuisjes blijken volledig ingerichte poppenhuisjes die kunnen worden opengeklapt, zodat er met een camera naar Poes gezocht kan worden.
En de berg is tevens een draaibare mega pluchen kattenkrabpaal met in de grot eronder een tv-studio. Hier wordt het Poezenjournaal opgenomen (compleet met op die van het Jeugdjournaal gelijkende jingle), dat updates geeft van de poezenzoektocht.

‘Supeeerrr poesss…’ Uitbundig zingend sluipen de drie spelers door het decor. Want misschien is Poes eigenlijk wel een Super Poes in een superpoezenpak, en is hij op een geheime missie gegaan. Sam van Hulst, Tessa Jonge Poerink en Eva Zwart vormen een bijzonder drietal. Even uitbundig als het decor zijn hun kostuums, ook ontworpen door Zwiers. De drie paraderen rond in extravagante neoclassicistische ‘poppenkleren’, met goudglanzende pruiken en blozende poppengezichten.
Maar afgezien van soms wat houterige bewegingen, doen deze personages verre van popperig. De emoties van Ee (Eva Zwart) om haar kwijtgeraakte geliefde viervoeter, zijn wisselend en gelaagd maar naïef, perfect passend bij de belevingswereld van een kleuter. Tee (Tessa Jonge Poerink) als haar beste vriendin worstelt met pogingen tot medeleven maar voert ook een concurrentiestrijd met de pas verhuisde See (Sam van Hulst) die nieuwe vrienden probeert te maken. See (Sam van Hulst) is dan soms meehelpend en dan weer manipulatief, maar worstelt vooral met gevoelens van alleen zijn en er (nog) niet bij horen.

Naast al deze beeldende en emotionele rijkdom, heeft Dag Poes ook nog een bijzondere muzikale component. De swingende composities van Jelle Hoekstra maken van Dag Poes bijna een musical: de liedjes versterken de emoties en de stemmen van de drie spelers kleuren perfect bij elkaar. Met een tranentrekkende driestemmige afsluiter (‘Ik ben zo bang dat ik vergeet – Hoe je was en hoe je deed’) proberen ze erin te berusten dat Poes niet meer terug zal komen. Een troost: op de weg naar dat inzicht zijn ze wel met zijn drieën innig samengekomen.
Foto’s: Laurien Riha














