Een stil verhaal. Een levensverhaal. Geschreven en geborduurd op een rood lint van 100 meter. Theatermaakster Layla Önlen laat haar leven door de vingers glijden van de mensen die om haar heen zitten. Als in een ritueel van ontmoeting en verbinding, ‘in naam van Allah’ (Bismillah).

Geen zoveelste trendy podcast, geen zoveelste boekje, neen, het is een lint met woorden, dat als een tastbare biografie op een life bijeenkomst gelezen wordt.

Met een twintigtal mensen zitten we in een kring. Zonlicht, geen spots, geen muziek, alleen een doos in het midden. Önlen heet ons welkom, laat een snoeppot rondgaan, met Haribo-snoepjes – Als hosties uit de katholieke misviering? Uit de doos haalt ze een lint, dat ze langzaam ontrolt en doorgeeft. Iedere deelnemer leest de woorden op het lint, schuift dat stukje door naar de volgende lezer, trekt van de vorige lezer het volgende stukje woordenlint tot zich.

Ieder leest apart het verhaal van de theatermaakster; ieder voor zich en tegelijkertijd gezamenlijk. Er gaat een enorme rust van uit. Zeker in deze ruimte, in een voormalig Hasselts begijnhofhuisje. Deze voorstelling staat hier op het festival Theater op de Markt en contrasteert met veel openluchtspektakels van dansende en klimmende acrobaten en muzikanten. Het lokaal voelt aan als een shinto-plek.

Önlen (1978) heeft Turkse roots, en is geboren en opgegroeid in Pelt (Belgisch Limburg). Pas op latere leeftijd – toen haar zoon uit huis was – ging ze naar de Toneelacademie van Maastricht, waar ze in 2023 afstudeerde met een Genks wijkproject. Daarvoor werkte ze als vormingswerker, en speelde ze al de solo Hou vast! Laat los! over kwetsbare Turkse vrouwen. Ze was ook te zien in andere voorstellingen van (Turkse) theatermakers, onder andere Gilgamesj dat ook in Turkije te zien was.

In die zin komt het verrassend over dat de theatermaakster niet voor het gesproken woord en het fysieke spel kiest voor haar nieuwe productie over zichzelf. Haar eigen verhaal ‘vertelt’ ze niet met hoorbare woorden, maar via geschreven taal. Samen met andere vrouwen heeft ze de woorden geborduurd op een lint, als in een krans met vrouwen die een ritueel uitvoeren. Zoals wij nu de woorden lezen en het lint doorgeven.

Het zijn woorden die beelden oproepen, zinnen die voor zichzelf spreken en metaforen die een verhaal vormen. Directe poëzie die eenvoud en rust uitstraalt, zoals de stillevens van Giorgio Morandi in pastelkleuren doen. Een moment van berusting, van bezinning. Het is een intense beleving.

De kleur van het lint is rood, net als het lint dat soms bij Turkse bruiden rond de taille gedraaid en geknoopt wordt als symbool voor maagdelijkheid. We lezen dat ook Önlen dat bij haar uithuwelijking moest ondergaan. Ikzelf moet aan ‘de rode lijn’ denken, als symbool om te eisen dat Israël haar genocide stopt. Ze zijn voorbij grenzen van het menselijke gegaan. Zo vullen we als deelnemers de symboliek verder aan. Als het lint een cirkel maakt rond de doos waaruit het verhaal kwam, vormt het een afbakening, een bescherming. Tegelijkertijd staat de kleur voor vuur, voor bloed, voor strijd, voor vrijheid.

Al die tegenstrijdige symboliek komt samen in het stille verhaal van Önlen: het gaat over haar uithuwelijking en de toxische jaren van haar huwelijk, maar ook over de troost van bergen en weides, over de tegengestelde gevoelens die haar kinderjaren oproepen, over de dood van haar ouders, over vreugde en verdriet, over de kracht van liefde, van samenzijn, over de kracht van theater om aan de binnen- en buitenwereld iets te kunnen veranderen.

Terwijl Önlen het lint terug oprolt, kan er gepraat worden. Voor iemand is het verhaal heel herkenbaar, een ander kan zich er heel goed in inleven, het is de liefde van het verhaal en de schoonheid van de vorm die raken. Er wordt gevraagd of het allemaal echt gebeurd is, er wordt over religie van gedachten gewisseld, over theater, over schoonheid, over de noodzaak dat er in de wereld veel moet veranderen. Als het lint van honderd meter leven is opgerold, gaat het weer de doos in. Het ritueel is afgesloten. Om stil van te zijn.

Bismallah wordt in het Nederlands, in het Engels en ook in het Turks gebracht. Önlen hoopt er ook binnenkort mee rond te trekken in Turkije.

Foto’s: Stefanie Schaut