Nu debatten over megastallen aan de orde van de dag zijn, pakt Flip Noorman Orwells beroemde boek Animal Farm uit de kast. Met een slimme mix van boekcitaten en speldenprikken naar de actualiteit, doet hij eer aan de klassieker. En blijft zeer in lijn met de verlekkerde onheilsprofeet die Noorman in zijn voorstellingen wel vaker speelt.
(meer…)
Na jarenlange uitbuiting, besluit een aantal boerderijdieren in opstand te komen tegen de mens. Onder het motto ‘Four legs good, two legs bad!’ en ‘All animals are equal!’ worden de knechten van boer Jansen verjaagd en grijpen de dieren de macht. Al snel pakken de donkere wolken zich echter samen boven de dierenboerderij.
De voorstelling Animal Farm van Branoul houdt zich vrij nauwkeurig aan het plot van George Orwells satirische dierenallegorie over verheven idealen en de corrumperende werking van macht. Ook hier (bewerking Manon Barthels) vallen de mensen de boerderij aan en verbrokkelt de eensgezindheid tussen de dieren al snel. Het varken Napoleon en zijn woordvoerder Brulbeer plegen een coup. Daarna worden alle idealen stukje bij beetje uitgebeend en omgebogen naar een systeem waarin alle dieren gelijk zijn, maar sommige dieren – de varkens en honden – net iets gelijker zijn dan andere.

De dieren van Animal Farm worden groot, energiek en up tempo gespeeld door vijf acteurs (Roeland Drost, Sijtze van der Meer, Bob Schwarze, Victor Olivier en Raymond van Melzen) met witte tanktops, boerenlaarzen en boerenpetten aan. Houten naambordjes – en hier en daar een dierengeluid – maken duidelijk wie wie is. Door de intieme setting van Theater Branoul zitten ze daarbij ook dicht op de huid van het publiek.
De muzikale intermezzo’s van Drost, die naast zijn rol als hardwerkend paard Bokser zo nu en dan achter het toetsenbord kruipt, zijn virtuoos. Samen met de kunstige videoprojecties (Van Melzen), zwart-witarchiefbeelden over het plattelandsleven, die elegant vervlochten zijn met het verhaal, zorgen ze voor een gevarieerde en dynamische theaterbeleving. Het maakt Animal Farm tot een toegankelijke toneelervaring voor een breed publiek – en zoals een goede satire betaamt, ontbreekt ook hier het cynische randje niet. Ook is er hier en daar interactie met het publiek, bijvoorbeeld wanneer de zaal aan het begin van de voorstelling wordt gevraagd om een dierenmop. Tip voor de bezoeker die graag ontregelt: vertel die ene mop van de man met het schaap onder zijn arm.
Branoul maakte deze Animal Farm al in 2018. De thema’s van het verhaal lijken in de tussentijd alleen maar aan urgentie en actualiteit te hebben gewonnen. De huidige politieke en maatschappelijke ontwikkelingen in binnen- en buitenland, politici die zonder enige gêne de waarheid verdraaien, weigeren verantwoording af te leggen, beloftes van gisteren glashard ontkennen en de pers die alles vrolijk en enthousiast optekent: bijna alle elementen die Animal Farm tot de klassieke, grimmige, politiek-maatschappelijke satire maken, zien we inmiddels iedere dag, in uitvergrote vorm, om ons heen.

Doen Barthels en de mannen van Branoul daar ook iets mee in hun herneming? Nee, eigenlijk niet. Niet expliciet althans, op een kleine grappig bedoelde verwijzing naar Caroline van der Plas (BBB) na. Is dat erg? Nee. Maar als toeschouwer bleef ik gedurende de hele voorstelling wel in dubio over de lichte, toegankelijke, hier en daar ‘op de lach gespeelde’ regie, die naar mijn smaak wat lichtzinnig afsteekt tegen de gitzwarte, cynische politieke realiteit van het moment. De Animal Farm van Branoul had van mij wel iets minder speels gemogen: minder stemmetjes, minder ‘levendig’ geacteerd, een tandje duisterder. Hoezo moet er gelachen worden? Heeft Nederland anno 2025 niet een Animal Farm nodig die het publiek echt een geweten schopt? Ik miste een beetje de mokerslag die toneel soms ook kan/mag zijn.
Barthels’ Animal Farm doet wel iets anders. Ze voegt een heel eigen poëtische noot toe aan het bekende verhaal van Orwell. De vertelling begint met een fraaie en geestige videoproloog, over het ontstaan van de aarde en de zondeval van de mens. In een video-epiloog die weer teruggrijpt op die proloog wordt het banale dierlijke geploeter op de boerderij – de eeuwige wil tot macht, de drang naar (zelf)destructie – uiteindelijk omlijst door een universele context die groter is dan de mens: ons sterrenstelsel dat ooit is ontstaan en dat straks, na miljoenen lichtjaren, ook weer zal verdwijnen.
De opkomst en neergang van ‘Animal Farm’ lijkt bij Barthels niet zozeer bedoeld als allegorie over de condition humaine, maar onderdeel van de grotere, kosmische dynamiek van generatie en verval. Daarmee raakt ze alsnog een melancholische snaar die zich niet laat weglachen. Toch nog een troost voor de liefhebber van zwaarmoedig toneel.
Foto’s: Paulien Versluis














