Het Nederlandse publiek vindt in steeds grotere getale de weg naar schouwburgen en concertzalen. Uit Podia 2024, de jaarlijkse publicatie van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties (VSCD), blijkt dat het bezoek aan de aangesloten podia steeg met 9 procent ten opzichte van 2023. Dit terwijl het bezoek in 2023 al 5 procent boven het niveau lag van vóór de coronapandemie (2019). (meer…)
Het bezoek aan voorstellingen en concerten bij VSCD-podia groeit voor het vierde jaar op rij. Dit blijkt uit podia 2025, de jaarlijkse publicatie van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties (VSCD). In 2025 steeg het totale bezoek aan de VSCD-zalen met 10 procent naar 16 miljoen bezoeken.
De VSCD vertegenwoordigt momenteel 160 Nederlandse theaters en concertzalen. Samen organiseerden ze in 2025 68 duizend activiteiten, die 16 miljoen bezoeken opleverden. Het programma aanbod steeg met 9 procent, en het bezoek daaraan zelfs iets harder, met 10 procent.
Dat het bezoek sterker steeg dan het aantal uitvoeringen is terug te zien in de bezettingsgraad. Gemiddeld zaten de zalen voor 70 procent vol, dat is 2 procent meer publiek dan in 2024. Vooral grotere podia met grotere zalen trokken vollere zalen. In de kleinste zalen ging de bezetting iets achteruit (naar 64 procent).
Gemiddeld zaten de zalen het volst bij balletvoorstellingen (850 per opvoering), waarvan er echter weinig werden gegeven (220 uitvoeringen). De 5525 geprogrammeerde toneelvoorstellingen trokken per uitvoering het kleinste aantal bezoekers (176). Geliefd bij zowel publiek als de podia waren populaire muziek en cabaret. Daarvan waren er veel uitvoeringen, die goed bezocht werden: populaire muziek trok gemiddeld 468 bezoekers, cabaret 367 bezoekers. Ook klassieke muziek deed het goed met 3503 concerten voor gemiddeld 501 bezoekers.
Opvallend in de cijfers is ook de groei van het aantal podia dat ook producent is. Dat waren er in 2024 nog 13 en in 2025 20.
Met deze cijfers lijkt de groei niet langer alleen herstel na corona, maar ontwikkelt deze zich steeds duidelijker tot een structurele trend. Volgens de VSCD wijst dit ‘niet alleen op een aanhoudende behoefte aan live culturele ervaringen, maar ook op de kwaliteit en aantrekkingskracht van het aanbod’.
De inkomsten van de theaters groeiden met de bezoekers mee (+11%). Meer bezoekers betaalden bovendien hogere entreeprijzen (+6,7%). Onder dit positieve beeld schuilt echter wel een structurele uitdaging, schrijft de VSCD. ‘Door achterblijvende indexatie liepen podia sinds 2022 gezamenlijk € 7,7 miljoen aan subsidiebijdragen mis. Gemiddeld genomen zijn podia financieel gezond en beschikken zij over voldoende buffers. Maar achter het gemiddelde gaan aanzienlijke verschillen schuil: een deel van de podia bevindt zich financieel nog altijd in de gevarenzone.’
Daarnaast is de gemeentelijke subsidie, die bij de meeste zalen 40 procent van de inkomsten verzorgt, nu niet gegarandeerd, schrijft directeur Jenny Booms. Een van de oorzaken hiervan is volgens haar het missen van wettelijke kaders rondom de verantwoordelijkheid voor het cultureel voorzieningenniveau. ‘Om het groeiende aanbod van én de groeiende vraag naar podiumkunsten door het hele land optimaal te blijven faciliteren’, pleit de belangenvereniging voor ‘een stevigere en wettelijke verankering van de podiuminfrastructuur binnen het cultuurstelsel’.
Het volledige rapport lees je via deze link. Foto Tom Croes – Isala Theater in Capelle aan den IJssel










