De Johannes Vermeerprijs 2026 is toegekend aan dichter en performer Babs Gons. Gons ontvangt de prijs ‘vanwege haar grensverleggende, multidisciplinaire praktijk, waarin zij poëzie, spoken word, performance en maatschappelijk engagement laat samenvloeien tot een geheel eigen genre, waarin haar taal met grote zeggingskracht zowel het persoonlijke als het publieke domein verrijkt’.

Cultuurminister Rianne Letschert reikt de prestigieuze Nederlandse staatsprijs voor de kunsten op 23 november uit in de Nieuwe Kerk in Den Haag. Aan de prijs, in 2008 door OCW ingesteld om uitzonderlijk artistiek talent te eren en te stimuleren, is een bedrag van 100.000 euro verbonden, dat de winnaar mag besteden aan een speciaal project binnen het eigen werkterrein.

‘Een van de belangrijkste aanjagers van spoken word-poëzie in Nederland’, noemt de jury Babs Gons. ‘Gedurende ruim vijfentwintig jaar heeft zij als initiator en artistiek leider een onmiskenbare en beslissende bijdrage geleverd aan de ontwikkeling en professionalisering van spoken word. Gons heeft binnen het Nederlandse poëtische en literaire landschap een geheel eigen, artistiek en multidisciplinair genre ontwikkeld, dat zich kenmerkt door een sterke maatschappelijke betrokkenheid.’

Als dichter en performer treedt Babs Gons inmiddels wereldwijd op. Haar oeuvre werd bekroond met talrijke onderscheidingen, waaronder de podiumpoëzieprijs De Johnny (2022) en de Gouden Ganzenveer (2024). Van 2023 tot 2025 was Gons Dichter des Vaderlands, in het laatste jaar van haar aanstelling werd deze functie omgedoopt tot Dichter der Nederlanden.

In 2019 stelde zij Hardop samen, een bloemlezing met het werk van achttien spoken word-dichters. Twee jaar later volgde haar officiële poëziedebuut Doe het toch maar. In 2022 verscheen onder de titel Alles wat je liefhebt wordt mooi een selectie van haar columns in Het Parool. In 2026 werd haar bundel Wie zijn we morgen gepubliceerd.

De poëzie van Gons reikt volgens de jury ‘verder dan de pagina alleen’:

Het leeft in de voordracht en de ontmoeting, waar het juist in samenspel met het publiek zijn volle betekenis vindt. Gons’ stem, ritme en aanwezigheid vormen een essentieel onderdeel van haar kunstenaarschap. Wanneer zij declameert, worden luisteraars direct geraakt door de intensiteit en zeggingskracht van haar woorden. Haar taal is helder, haar zinnen beweeglijk, haar woorden trefzeker en haar intentie warm. Met kernachtige precisie raakt zij de hartslag van de samenleving.

Daarbij beweegt Gons zich met grote vanzelfsprekendheid binnen culturele, maatschappelijke en politieke domeinen:

Waar zij ook spreekt, van detentiecentra tot internationale literaire festivals en van culturele manifestaties tot nationale herdenkingen, verbindt zij generaties en gemeenschappen met elkaar en verrijkt zij het maatschappelijke gesprek met de meerstemmigheid en brede reikwijdte van haar kunstenaarschap. Met compassie en dankbaarheid voor haar publiek vangt zij in ogenschijnlijk eenvoudige, maar scherpe bewoordingen de maatschappelijke pijnpunten en menselijke kwetsbaarheid. Haar artistieke werk creëert een taal voor de vraagstukken van onze tijd, maakt deze indringend invoelbaar en nodigt uit tot zowelzachtheid als kracht. Daarin schuilt de onmiskenbare betekenis van haar oeuvre.

Ter gelegenheid van de uitreiking van de Johannes Vermeerprijs presenteert het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een impressie van het werk van de prijswinnaar in de OCW-etalage, naast de ingang van het ministerie in Den Haag.

De prijs werd eerder uitgereikt aan andere anderen Marco Gerris, Tania Kross, Ivo van Hove, Janine Jansen, Alex van Warmerdam en Pierre Audi. De jury bestaat dit jaar uit Dagmar Oudshoorn, Ted Brandsen, Afaina de Jong en Natasja Kensmil.

Foto: Dana van Leeuwen